Marie Doutrepont
Michel Ackaert
Non-fictie
  • 217 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

Waardering boekreview

23 februari 2021 Zo was Moria
Dit is de Nederlandse vertaling van ‘Moria. Chroniques des limbes de l’ Europe’.
Het zijn onze regeringen die dicteren dat vluchtelingen die in Europa aankomen ontmenselijkt moeten worden, door te weigeren een evenredig deel van hen op te nemen.’ (p. 97)

September 2010. ‘Lesbos: 7 nachten, 7 trajecten, 7 stranden’. Ik schrijf een luchtig reisverslag over een zonnig weekje op dit liefelijke groene Griekse eiland in de blauwe Egeïsche zee op slechts een boogscheut van Turkije. Ik ken het ook als de plaats waar de dichteres Sappho, door Plato de tiende muze genaamd, de liefde beschreef al dan niet samen met een schare meisjes leerlingen.  Het doet er eigenlijk niet toe wie met wie en hoe, ik heb een verzameling van haar gedichten in mijn boekenkast. Mytilini, Molyvos, de oude kloosters, de koele wouden, je krijgt er om iedere hoek in de kronkelende bergwegen een vergezicht op de ‘turquoise’ zee en het zeer nabije Turkse vasteland. ik maakte er mijn eerste plannen om er ooit neer te strijken in die ene verlaten baai en wie weet, een meesterwerk te schrijven.

Later! Veel later!
September 2020, Lesbos. Het vluchtelingenkamp Moria gaat in vlammen op en 12.000 vluchtelingen zijn dakloos. Er is corona uitgebroken en de Griekse regering roept in paniek de noodtoestand uit over het eiland.

Mei 2017, Brussel. ‘Ik ruil mijn kantoor in Brussel in voor de hotspot Moria op het Griekse eiland Lesbos om er drie weken vrijwilligerswerk te gaan doen. Dag na dag schrijf ik uit wat ik zie, hoor, vaststel tijdens mijn werk in het kamp.’ Zo begint het werkje dat Marie Doutrepont, advocate bij Progress Lawyers Network samenstelt met haar brieven naar huis.
Het is een hallucinant verhaal over vreselijke toestanden die je in het Europa van de 21ste eeuw niet meer voor mogelijk houdt. Marie is Franstalig en ze werkt samen met de “permanenten” Pharell en Calyssa in opdracht van CCBE, de raad van Europese balies, om er gratis juridische basisrechtsbijstand te verlenen aan de vluchtelingen die wachten op zowat alles. Het is vooral eerstelijnshulp, maar ook zoveel méér. De situatie in het kamp is om moedeloos van te worden en dag na dag staan rijen hopelozen aan te schuiven met vreselijke verhalen waarvan Marie soms aarzelt om ze neer te schrijven in haar brieven.

Het kamp is een voormalig militair kamp en daar hoort ook een ‘kampcommandant’ bij. Majoor Dimitris is de chef van de afdeling van het leger die instaat voor de beveiliging van het kamp, ‘de kampleider’, zo kun je hem noemen. ‘Pharrell vertelde me eens dat hij, toen ze elkaar op een dag kruisten op de hoofdweg van het kamp – gewoon maar kruisten – hij hem tegenhield en zei: “We don’t want you here.” Dat is tenminste duidelijk.’ (p. 135)
De bewoners krijgen bij aankomst een document van tijdelijk verblijf dat maandelijks moet worden vernieuwd. Ze noemen dat IPAC (International Protection assessment Committee) smalend een ‘Ausweis’. Kan het nog cynischer? Sommigen geloven zelfs niet dat ze werkelijk in Europa zijn terechtgekomen. Het kamp kwam er inderdaad na de afspraken die door Europa werden gemaakt met landen zoals Turkije om de vluchtelingenstroom in te dijken. Het is een triagecentrum waar allen die geen geldige reden hadden om asiel te vragen, teruggestuurd worden. Moeilijk om te bewijzen wie je bent, door wie en hoe vaak je gemarteld werd en waar die vreselijke kwetsuren vandaan komen als je rugzak en papieren op de bodem van de Egeïsche Zee liggen... Is enkel je rugzak overboord gegaan toen die rubberboot te zwaar geladen was, dan heb je nog geluk gehad. Frontex, het Europees grens- en kustwachtagentschap, stuurt speedboten die opzettelijk en aan hoge snelheid rakelings langsheen de dinghies varen om ze te doen kapseizen. Een Deense booteigenaar die tevergeefs tot tweemaal toe de kustwacht alarmeerde tijdens een schipbreuk en dan maar zelf in actie schoot, zit al meer dan een jaar vast – hij werd gevangen gezet door de Griekse regering!
Marie zit er zeer kort, amper drie weken maar haar relaas getuigt van veel meer wanhoop dan wat journalisten kunnen rapporteren. Kan ook niet, want journalisten zijn door de Grieken niet toegelaten in het kamp. Alles is er problematisch uitgezonderd de zware medische noden waarmee de bewoners tevergeefs aankloppen in het te kleine ziekenhuis in Mytilini. Vreselijke brandwonden, onbehandelde rugletsels, verminkingen ten gevolge van groepsverkrachtingen – die worden allemaal ‘probleemloos’ verholpen met een paar tabletten vervallen paracetamol. Dit is Europa, dit is Griekenland, de bakermat van de democratie en op een boogscheut ligt het eiland Kos met het Asklepion van Hippocrates, de vader van de geneeskunde! Ik was er ook!
Je weet meteen, dit moet slecht aflopen. Terwijl Marie dit eerder in het Frans verschenen werkje, ‘Moria.  Chroniques des limbes de l’Europe’ klaarmaakt voor een Nederlandstalige uitgave, is er corona uitgebroken en ligt het kamp in de as. Dit Hellegat is door de radeloze bewoners opzettelijk in brand gestoken in de hoop dat er iets beters voor in de plaats komt. Een ijdele hoop.

Ga ik nog ooit terug naar Griekenland – ik ging meestal tijdens het ‘Christelijke’ feest van het Kruis (14 september)? Zal ik nog ooit samen met een stokoude pope dwalen door de gangen van een oud klooster tussen de azalea’s, de kievietsbloemen en de geur van de pijnbomen opsnuiven? Kom ik ooit terug naar het eiland van Sappho om een luchtig werkje te schrijven?

Na ‘Zo was Moria’: ik weet het niet!
Marie Doutrepont
Michel Ackaert
Non-fictie
Vrij- en eigenzinnig, (zelf)kritisch, stout maar mild
_Michel Ackaert Reiziger, vrijwilliger en cultuurfanaat
Meer van Michel Ackaert

_Van zelfde auteur

_Nieuwste recensies

Bekijk alle nieuwe recensies