Petra Thijs
Victor De Raeymaeker
fictie
  • 280 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

Waardering

10 oktober 2022 Schaduwlicht
Iedereen heeft al wel ooit de twee schilderijen gezien van Éduard Manet die het begin van zijn bekendheid en roem veroorzaakten: “Olympia” en “Déjeuner sur l’herbe” nadat hij ze, als nog jonge schilder inzond naar “Le Salon”.
Het Salon was de grote officiële Franse tentoonstelling die je verzekerde van erkenning en succes als je je werk daar kon tentoonstellen nadat het goedgekeurd werd door een alleswetende jury die bijzonder belang hechtte aan de heersende conventies van esthetiek en ethiek.
“Geweigerd“ worden kwam overeen met “niet goed genoeg” zijn en de meeste schilders hechtten er veel belang aan. Ook de nieuwe lichting van “moderne” schilders die zich later “Impressionisten” zouden noemen. Die kenden elkaar, waren met zovelen om bijna telkens “geweigerd” te worden, dat ze besloten hun eigen tentoonstelling op te zetten: Het “Salon des refusées.” Dat veel toeschouwers aantrok, meestal om zich te komen vermaken met het klungelige gedoe.
Manet vroeg een beginnend model, Victorine Meurent, twee keer naakt voor hem te poseren. Eerst als als “Olympia”. Dit werk veroorzaakte inderdaad het verwachte schandaal zowel bij het publiek als bij de kunstgemeenschap. Begrijpelijk, want zelfs nu is het een schilderij dat meteen opvalt en het moet toen een bijzonder uitdagend naakt geweest zijn dat bij de vele spottende toeschouwers en critici niet leek op de vertrouwde gepolijste klassieke godin maar eerder als een hoertje dat hen uitdagend aankijkt bij het water in een open plek in het bos, in het gezelschap van twee deftig geklede mannen – contrast waardoor ze nog veel naakter overkwam. Haar reputatie was gevestigd en de geschiedenis herinnert zich Victorine Meurent als het pikante favoriete model van Manet.
Nochtans was ze zelf kunstenares. Haar werk werd meerdere malen opgenomen in de prestigieuze Parijse Salon, geen geringe prestatie voor iemand die arm en vrouwelijk was. Haar zelfportret werd zelfs tentoongesteld in 1876 op de Salon, toen het werk van Manet werd afgewezen.
Meurent woonde de laatste twintig jaar van haar leven samen met een vrouw, Marie Dufour, en die trok de juistheid in twijfel van die geruchten dat Meurent echt een sekswerker geweest was, dat ze een bedelaar was die handelde op haar vroegere "roem" en jong stierf. Ze werd eigenlijk 83.
Volgens Meurent in een brief die ze in 1883 aan Manets weduwe schreef, verdiende ze de kost als levend model en als schilder tot ze een vinger aan haar rechterhand verwondde. Er zijn ook aanwijzingen dat ze muziekles gaf. Van haar verzameling schilderijen is hoegenaamd niets overgebleven, omdat haar buren haar bezittingen na haar dood hebben verbrand. Wel is bekend dat ze, na aanbeveling van Manet en Stevens, gedurende haar leven zesmaal heeft mogen exposeren in de Salon en dat ze werd bekroond door de Société des Artistes Français.
Het feit dat ze zo in de vergetelheid is geraakt voor de kunstgeschiedenis ligt niet enkel aan de tijdsgeest, die niet onmiddellijk bevorderlijk was voor vrijgevochten vrouwelijke kunstenaars, maar, volgens Petra Thijs, ook grotendeels aan de dubieuze rol van de toen bekende criticus Adolphe Tabarant, die als vermeende, dit deel is fictie, afgewezen minnaar vernietigende recensies schreef over haar werk. Ze komt er in zijn onaangename geschrift echter bekaaid vanaf, daar hij haar een kwalijke reputatie toedicht door haar te beschrijven als een aan de drank verslaafde prostituee, die bovendien jong gestorven zou zijn. Thijs komt tot de conclusie dat hij zich hiermee overduidelijk schuldig heeft gemaakt aan geschiedenvervalsing en haar niet eens vernoemde in zijn gezaghebbende biografie van Manet.
Petra Thijs kreeg het ongepubliceerde manuscript in handen geschreven door Tabarant (1863 – 1950). Ze publiceert dit manuscript (22 p.) in “Schaduwlicht” en neemt in een volgend hoofdstuk Tabarant onder de loep (30 p.), een deel waarin de auteur hem de ruimte geeft zijn eigen verhaal te doen. Hierin laat ze hem een blauwtje lopen, vooraleer haar eigen verhaal te vertellen in “Victorine” (256 p.). We leren haar kennen als een vrouw die zichzelf continu moet bewijzen, maar met haar sterke temperament en een vechtersmentaliteit veel voor elkaar weet te krijgen en zelfs de kans krijgt zich te revancheren door haar werk te exposeren tussen dat van haar mannelijke collegae schilders.
In het laatste deel van dit boek, ‘Historische duiding’, geeft de auteur in ruime mate tekst en uitleg over haar bronnen en hoe ze heeft getracht om de feiten, die ze tijdens haar onderzoek heeft kunnen achterhalen, zo waarheidsgetrouw als mogelijk te volgen, ook al zijn sommige gebeurtenissen iets geantidateerd om ze goed op elkaar aan te laten aansluiten.
Na het beëindigen van haar relatie met Alfred Stevens en het overlijden van Manet, krijgt Victorine het bijzonder moeilijk, maar ze blijft niet bij de pakken zitten. Haar moederlijke liefde kan ze kwijt bij de buitenechtelijke dochter van Manet, die haar echter ook weer wordt ontnomen. Dit ontaardt in een jarenlange zoektocht die haar zelfs de oceaan laat oversteken. Met Marie Dufour heeft ze de laatste jaren van haar leven een openlijke biseksuele relatie. Meurent zal uiteindelijk in 1927overlijden op 83-jarige leeftijd in de Parijse voorstad Colombes.
Wat Petra Thijs gedaan heeft met “Schaduwlicht” is opsporen wat er over Meurent geweten was, zich inleven in haar persoon en bestaan door haar intuïtie en verbeelding te gebruiken en zo te “weten” te komen wie ze echt was.
Wikipedia insinueerde dat Victorine een minnares was geweest van de kunstenaar Alfred Stevens. Dat leidde Petra Thijs naar de schilderijen die hij van haar gemaakt had en dat zijn er heel wat. Na tien jaar van research heeft de auteur het bijzondere levensverhaal beschreven van de muze van Manet en neemt ze de lezer mee naar het Parijs van de grote schilders van weleer.
Victorine Meurent schrijft zelf: “Als ik dan toch geschilderd moest worden, zou ik een vrouw zijn met een mening, die haar publiek evenzeer beoordeelt als zij beoordeeld wordt. Eén ding had ik immers goed begrepen: in deze moderne tijden ging het er niet alleen meer om gezien te worden, wel om je bewust te zijn van de blik van de ander en van het beeld dat je wilde uitstralen.”

Victor De Raeymaeker
Waard om weten: na een campagne op internet, kwamen er drie schilderijen bovendrijven die van de hand van Victorine Meurent zouden zijn. Knap, overtuigend, ergens modern: een jongetje dat een stukje brood eet, het portret van een hondje en vooral een buitengewoon krachtig zelfportret.
Gebeurtenis zeker waard om op te volgen.

Le Briquet. Boy Eating a Loaf of Bread, n.d., by Victorine Meurent. Held at the Musée de l’art et l’histoire, Colombes; source, Niezlasztuka.net. 

Afbeelding Fox terrier by Victorine Meurent. Held at the Musée de l’art et l’histoire, Colombes; source, Niezlasztuka.net. 

Zelfportret (c. 1876), by Victorine Meurent. Source, Édouard Ambroselli Art Gallery. (The Museum of Fine Arts, Boston acquired this painting in Fall 2021.)
Petra Thijs
Victor De Raeymaeker
fictie
-
_Victor De Raeymaeker - Recensent
Meer van Victor De Raeymaeker

_Van zelfde auteur

_Nieuwste recensies

Bekijk alle nieuwe recensies