• |
Jacques R. Pauwels
V De Raeymaeker
Non-fictie

Waardering boekreview

12 december 2018 Het Parijs van de sansculotten. Een reis door de Franse Revolutie.
Parijs, “De mooiste en interessantste stad ter wereld”: dit roept natuurlijk (onder andere) de Franse Revolutie voor de geest. Dit boek is een reis(gids) door en over het Parijs van die Franse Revolutie, en natuurlijk onvermijdelijk ook over de geschiedenis van de Franse Revolutie in haar geheel.
Doorheen het boek ga je de meest fascinerende gebeurtenissen ervan meemaken, in chronologische volgorde, zoals dat in de Geschiedenis betaamt, terwijl je om de plekken te bezoeken waar deze gebeurtenissen plaatsvonden aardrijkskundig kris-kras door Parijs (en ook door “ la France Profonde”) zal gegidst worden… Zo gaat de tocht bijvoorbeeld van het Palais de Versailles, waar toen een hongerige en boze menigte van 15.000 mensen naartoe trok om te protesteren, en na een nacht buiten moeten wachten de “bakker en de bakkersvrouw” op een tocht van 6 uur meenamen naar Parijs, naar het Palais Royale (Louvre) waar ook het meubilair en de kunstwerken vanuit Versailles naartoe gebracht werden. Dan gaat de tocht naar de Place de la Bastille, waar de gehate gevangenis bestormd en ingenomen werd op “le 14 juillet”, vervolgens naar de Place de la Concorde, waar de guillotine stond en de volksvrouwen in afwachting rustig zaten te naaien, hun werk luidop begeleidend met “numéro un” enz. , en dan naar de Conciergerie (waar Marie Antoinette in haar kerker wachtte),…en zo gaat dit voort.
"Op vragen rond de revolutie krijg je hier als lezer zeker een antwoord en dit tegen de ruimere achtergrond van de Europese Geschiedenis. Opvallend (en zeer welkom) is het cijfermateriaal dat feiten en gebeurtenissen staaft en verduidelijkt."
Zo bezit vóór de revolutie de adel een derde van het land, terwijl ze slechts 1% of 1,5% van een bevolking van 25 à 26 miljoen inwoners uitmaken. Het Paleis van Versailles verleende onderdak aan zo´n 10.000 personen. De Katholieke Kerk bezat zeker 5% maar waarschijnlijk 10% van de oppervlakte van Frankrijk. De seculiere clerus telde 70.000 leden en de reguliere clerus 60.000. Kerken en kloosters bij de vleet in Parijs: 40 abdijen voor paters, 80 voor nonnen, een 1000-tal pastoors in een 50-tal parochies, een vierde van de stad is eigendom van de Kerk. Op het bekende stadsplan van Turgot zie je ook nog de vele herenhuizen van de edellieden.
De staatskas is echter leeg. De koning wil geld en roept de Staten-Generaal samen. De adel en de geestelijkheid zien dat wel zitten maar de derde stand zou als een minderheid beschouwd worden en niet meetellen, wat ze niet pikken en ze trekken naar de Jeu de Paumes om daar de vergadering verder te zetten en een nieuwe grondwet uit te vaardigen. Telkens weer zijn het werkloosheid, honger, armoede (als gevolg van telkens weer een andere “ economische crisis”) die de reactie uitlokken van het Parijse kleine volk dat de dynamo wordt van de Revolutie. Het is een wonderbaarlijke vaststelling trouwens hoe de macht langzaam maar zeker verschuift van de Koning naar de Bourgeoisie en dan tegen de wil in van die Bourgeoisie naar “les gens de rien”, het “canaille” - naar de “sansculottes”, die blijkbaar zeer goed weten wat ze willen. Om dit doel te bereiken, worden er drastische maatregelen genomen: “la terreur”. Koppen vallen, er komen opeisingen, verplichte legerdienst (“levée en masse”) want “la patrie est en danger”. In totaal zouden er in Frankrijk 13.800 koppen rollen onder de guillotine, waarvan 2.500 in Parijs en uiteindelijk de “Commune”, die, niettegenstaande een oorspronkelijk 400-tal doden en herhaaldelijk ingevoerde nieuwe wetgeving bedoeld om ze klein te houden, er toch in lukken de monarchie af te schaffen en een Republiek uit te roepen.
De schrijver weet telkens de juiste details neer te zetten, de juiste anekdote te vertellen, vragen te beantwoorden die er toe doen om de juistheid van het verloop van de Revolutie weer te geven. Waarom wordt (bijvoorbeeld) de staatsschuld niet gewoon weggewuifd? Dan draaien de (rijke) crediteurs daar immers voor op. Maar de crediteurs maken de meerderheid uit van de afgevaardigden… dus moet de schuld terug betaald worden… Dat kan, want gelukkig heeft Frankrijk een zeer rijke Kerk, en veel van de bezittingen worden dus gewoon tot “des biens nationaux” omgetoverd.
Dit boek sluit af met een knap hoofdstuk “na-de-revolutie” met de restauratie en het tweede keizerrijk, en vooral met een opmerkelijk volledige, alhoewel “beknopte” beschrijving van “la Commune” en de denkoefening in hoeverre die marxistisch is geweest. Met tekeningen, prenten, gravures, kaarten en chansons als illustratie.
Schrijver-reisleider Jacques R. Pauwels is een historicus die van de Geschiedenis houdt en geniet, er veel wil over weten, zich voorstelt - gestaafd met documenten, natuurlijk - hoe het er écht aan toe ging, dag aan dag, vooral voor de “gewone” man, en die je neerzet op de juiste plek in Parijs waar het allemaal gebeurde.
Het lezen waard.
Jacques R. Pauwels
V De Raeymaeker
Non-fictie
-
_V De Raeymaeker -
Meer van V De Raeymaeker

_Van zelfde auteur

_Nieuwste recensies

Bekijk alle nieuwe recensies