• |
Joris Vermassen
V De Raeymaeker
Non-fictie

Waardering boekreview

7 juni 2019 Heilige tekst, Goddeloos beeld. Een gespannen relatie.
Joris Vermassen is docent in de School of Arts (Gent), tekent cartoons en is de tekenaar van de beeldroman (graphic novel) ‘Het zotte geweld’ (2014). Zijn doctoraatsonderzoek in de kunsten ging ooit over de gespannen relatie tussen beeldende kunst (“Goddeloos beeld”) en het geschreven woord (“Heilige Tekst”).
Het ging hem in het begin enkel om de eenvoudige vraag ”Waarom staan er geen prentjes in romans?”. Of, met andere woorden: Waarom is er nog geen onderzoek gedaan naar de ruimte tussen literatuur en beeldende kunst? Wat is de impact van beeldende kunst op zichzelf en hoe verandert die wanneer ze wordt aangevuld met tekst?

De impact van het beeld werd plots brandend actueel in 2015 met de aanslag op Charlie Hebdo “waardoor ik als cartoonist plots middenin de geschiedenis terechtgekomen was” (Joris Vermassen). De reactie van een deel van de moslimwereld op de profeet-cartoons was duidelijk: de profeet afbeelden kon niet. De spot drijven met hem nog minder, en volgens enkelen verdienden de “daders” daarvoor niet enkel een fatwa, maar zelfs de dood.

Bij alle cartoonisten in de wereld - en bij iedereen die overtuigd was van de noodzaak van de vrijheid van meningsuiting - veroorzaakte dat een grote schok.
Het tekenen van een cartoon kon je leven in gevaar brengen… Dit had een soort zelfonderzoek als gevolg: Zal ik me stil houden, me begripvol en vergoelijkend opstellen? Of ga ik meteen een cartoon tekenen rond/met de profeet, als luid en duidelijk statement? Als cartoonist moest je dus kleur bekennen…
Dit boek is (gedeeltelijk) een bijdrage tot een genuanceerd debat daarover, maar is gelukkig nog veel meer. Het is een artistiek manifest over “alles wat kunst voor mij betekent”, aldus de schrijver. Hij wil geen “academische scriptie die in een archiefkast belandt” produceren, maar een breed leesbare bijdrage leveren. Daar is Vermassen zeker grotendeels in gelukt. Eerst en vooral door de vorm van het boek, waarin hij gul met tekeningen strooit en aparte blokjes tekst in het grijs vooruitschuift. Ook door de toon waarop hij vertelt en zijn vanuit de eigen belevenis geschreven “persoonlijk verslag van een zoektocht.” Maar voorál door zijn passie voor de kunst, die van de 250 (ofzo) bladzijden afdruipt.

Natuurlijk voel je als lezer hier en daar nog de scriptie die je “geestelijk wil verrijken en nieuwe inzichten laten verwerven”, maar dat duurt nooit lang. Joris Vermassen neemt je bovenal mee in het nadenken over mogelijke en onverwachte aspecten van de kunst.
Enkele voorbeelden en vragen ter illustratie.
  1. Het feit dat er na Flaubert inderdaad geen illustraties meer verschenen bij literaire werken, waar dat vroeger eerder courant was, en, zoals bij Dickens, een middel om een groter publiek te bereiken.
  2. De afbeelding doodt de verbeelding van de lezer. Die ziet inderdaad één afbeelding die voorstelt wat de schrijver schreef in plaats van wat zijn eigen rijke verbeelding oproept.
  3. De manier waarop we beelden zien, hangt af van de morele keuzes die we maken en dus verminken beelden ook de tekst waar ze bij geplaatst worden. Toch zijn zowel beelden als letters eigenlijk “tekens”. Maar wat zijn “tekens”?
  4. Lezen is je overgeven aan je verbeelding. Toch is het geen passieve bezigheid: het is als een spelletje schaak tussen de schrijver en de lezer. Een beeld vertelt alles ineens, in tegenstelling tot een tekst.
  5. Mag een illustratie of kunstwerk ook gewoon “mooi” zijn?
  6. Een cartoon die niemand beledigt, bestáát niet en een politiek correcte cartoon is geen cartoon.
  7. Er is geen waarheid, er zijn slechts manieren van kijken.
De meest interessante hoofdstukken hebben te maken met hedendaagse kunst. Inderdaad, enkel zeer sporadisch komt er in de geschiedenis van de schilderkunst nu en dan een stukje tekst opdagen in een schilderij. De engel Gabriël die zich tot Maria richt en haar meedeelt dat zij de moeder van God zal worden bijvoorbeeld… Maar plots, in de moderne kunst en toenemend in de hedendaagse kunst, krijgen titels een dringende betekenis, komen woorden, zinnen, krantenfragmenten opdagen in de werken van Marcel Broodthaers, Marcel Duchamp, René Magritte (“ceci n’est pas une pipe”), Pablo Picasso, Rinus Van de Velde, “hogepriester” Jan Hoet, Luc Tuymans, Berlinde De Bruyckere enz.
Kan een hedendaags kunstwerk nog wel bestaan zonder die tekst of zonder de mondelinge uitleg van de kunstenaar? Het lijkt/is wel zo dat een woord of tekst betekenis moet geven aan een anders banaal schilderij. (een voorbeeld: de afbeelding van een binnenruimte krijgt als titel “Gaskamer“ en het is dit ene woord dat aan het schilderij betekenis geeft).
Volgend op de eigen innerlijke oorlog die de schrijver voerde na de Charlie Hebdo gewetensvraag, publiceert Vermassen met veel innerlijke beleving een cartoon over Mohammed, en zet dan zijn eigen proces verder - met een tentoonstelling waarin illustratie en tekst, zoals in een schilderijententoonstelling, aan de muur gehangen worden.

Dit werk was voor mij vooral lezenswaardig omwille van het denkproces rond hedendaagse kunst.
Joris Vermassen
V De Raeymaeker
Non-fictie
-
_V De Raeymaeker -
Meer van V De Raeymaeker

_Van zelfde auteur

_Nieuwste recensies

Bekijk alle nieuwe recensies