Kwintessens
Geschreven door Lieven Pauwels
  • 754 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

23 juni 2022 Het geval Michael Woodley: geneticus en dysgeneticus
Payton Genton, de achttienjarige extreemrechtse terrorist uit Buffalo, verwijst in zijn 'manifest' naar wetenschappelijke publicaties van een zekere Michael Woodley of Menie, een Britse geneticus. Michael Woodley bleek als onafhankelijk onderzoeker gelieerd te zijn aan de Vrije Universiteit Brussel (nota bene het Centrum Leo Apostel). De VUB zette hierbij in afwachting van verder onderzoek de samenwerking stop en laat de Commissie Wetenschappelijke Integriteit een onderzoek instellen. Onderzoekers vroegen in een petitie om het ontslag van de Britse wetenschapper. Een terechte beslissing van de VUB, maar tegelijkertijd roept deze casus vragen op over de grenzen van het onderzoekbare.
In deze bijdrage wil ik het hebben over het soort van onderzoek waarbij Woodley betrokken was. Er hangt immers een waas van raciale pseudowetenschap rond. Raciale pseudowetenschap kent de laatste jaren een comeback, maar inhoudelijk is het oude wijn in nieuwe zakken. Opmerkelijk is dat nog steeds dezelfde oude publicaties als basis dienen. De genetica en biologie hadden lange tijd een slechte reputatie in de sociale wetenschappen. Dit omwille van connotaties met biologisch determinisme uit het 19de-eeuwse positivisme en het misbruiken van de theorie van Charles Darwin, onder meer door Herbert Spencer, die het begrip 'de overleving van de sterkste' muntte en hierbij munitie verschafte aan een reeks van politici met onfrisse ideologieën (van een volledig laissez-faire en totaal losgeslagen dystopisch liberalisme tot een al even dystopische fascistoïde samenleving, met witte blanke mannen aan de top en zwarten onder aan een ladder en tot slot de rassenhygiëne en andere eugeneticawetten[1]).
Het verschil tussen de 19de-eeuwse raciale pseudowetenschappen en het sociaal darwinisme, het fatalistische en ronduit verkeerd denken over genen en evolutie enerzijds, en de hedendaagse genetica anderzijds, kan niet groter zijn.
Het argwaan tegenover biologie en genetica verdween echter niet na de Tweede Wereldoorlog. Tot diep in de jaren 1980 konden wetenschappers die onderzoek doen naar de genetische componenten van persoonlijkheidskenmerken en evolutionaire functies van gedragsstrategieën bij diverse soorten, rekenen op misprijzen en zelfs intimidatie. De wereldvermaarde en onlangs overleden sociobioloog Edward O. Wilson mocht het in de jaren 1970 aan den lijve ondervinden.[2] Precies omdat er al zo veel inkt is gevloeid over de gevolgen van de misinterpretatie van biologie en het raciale misbruik van wetenschap, de rol van genen en dergelijke meer, zal ik deze hier niet herhalen. Ik verwijs daartoe de lezer naar toegankelijke lectuur op het einde van dit artikel.
Hier wil ik 'de zaak Woodley' onder de loep nemen. Wanneer krantenartikelen melding maken van genetici die zich zouden misdragen, is de vraag naar de aard van het onderzoek van Woodley legitiem. Zeker als namen van genetici opduiken in extreemrechtse pamfletten.
Woodley publiceerde onder meer in het vaktijdschrift voor intelligentieonderzoek Individual Differences, is medeauteur van verschillende boeken met een evolutionaire insteek, met name de levengeschiedenistheorie, en is auteur van een boek over de afname van het IQ in de Westerse samenleving.
Racistische pseudowetenschap bestaat nog in de marge, in verhouding tot de aanhangers ervan (denk aan Alt-right in de VS). In de regel is het zo dat onversneden raciale pseudowetenschap anno 2022 niet gepubliceerd wordt in de reguliere kanalen en dus de collegiale toetsing (peer review) niet doorstaat. Oudere artikelen, die in een ander klimaat geschreven werden, zijn ondertussen teruggetrokken. Professoren die uitvoerig over ras publiceerden werd hun titel ontnomen. De meest onversneden raciale pseudowetenschap wordt gepubliceerd in obscure tijdschriften. Het recente werk van Charles Murray over ras en het wetenschapspopulariserende boek van Nicholas Wade over rassen vormen een spreekwoordelijke uitzondering.
Maar wat als er een gladde paling door de mazen van het net glipt? Of wat als een gerespecteerd wetenschapper naar raciale pseudowetenschappers verwijst in academische publicaties? Immers, een raciale pseudowetenschapper hoeft het niet steeds over raciale pseudowetenschap te hebben in diens onderzoek. Het geval Woodley duidt op een zeer precaire zaak (ook voor nietsvermoedende coauteurs) want alle wetenschap kan altijd misbruikt worden, en er kan een guilty-by-association-gevoel ontstaan. Daardoor wordt een persoon afgevoerd. Dit gebeurt dan nog voor enig bewijs is geleverd van malafide intenties.
We mogen dus niet te vlug oordelen en denken dat waar rook is, ook vuur is. Een geraffineerde beoefenaar van pseudowetenschap kan ook ernstig onderzoek doen om de reputatie hoog te houden, en achter de schermen pseudowetenschappelijke onzin verkopen in andere 'outlets' dan diegene waarin het 'echte' werk gepubliceerd wordt. Pseudowetenschappelijk onderzoek kan op subsidies van extreemconservatieven rekenen.
De vraag is dan ook of Woodley (ook) racistische pseudowetenschap publiceert, of moeten we een 'normale' verklaring vinden waarom een geneticus, die controversieel maar correct onderzoek uitvoert, in een manuscript belandt, geschreven door een rechtsextremistische maniak? Op zijn persoonlijke website komen we weinig te weten.
Dat een extremist enerzijds verwijst naar het werk van Woodley kan men de onderzoeker moeilijk rechtstreeks aanwrijven. Stel dat Stalin, Mao of Pol Pot expliciet naar behavioristische leertheoretici hadden verwezen, dan konden de behavioristen daar evenmin aan verhelpen. Anderzijds kan men aannemen dat gelijkgestemden vaker naar elkaar verwijzen dan op toevalbasis kan worden aangenomen, en zo raakt een manuscript in no time tot in de digitale bibliotheek van een extreemrechtse terrorist. Een van de redenen daarvoor is precies de steun van ultraconservatieven aan de publicatie van raciale pseudowetenschap.
Woodley blijkt een fervent aanhanger te zijn van de ideeën van de psychologen Richard Lynn, Arthur Jensen, Helmuth Nyborg en Philippe Rushton. Zo veel is duidelijk als je door zijn publicatierepertoire gaat. Al deze auteurs hebben de 'verdienste' om IQ te linken aan 'oerrassen'. Rushton koppelt de levensgeschiedenistheorie, een belangrijk kader binnen de evolutionaire biologie, aan obscure raciale componenten. Dit slaat wetenschappelijk helemaal nergens op. Hij paste de levensgeschiedenistheorie toe door individuele ontwikkelingen in de levensloop van individuen te onderzoeken, maar dan gegroepeerd naar de 19de-eeuwse rassenclassificaties. Rushton was een fanatieke aanhanger van studies die zouden aantonen dat er kleine maar statistisch significante verschillen in schedelvorm en schedelinhoud bestonden tussen groepen, gebaseerd op negentiende-eeuwse indelingen van rassen.  Ook de controversiële filosoof Michael Levin schaarde zich achter deze idee en verdedigde met hand en tand de studie van de link van raciale componenten aan IQ. Het is onbegrijpelijk dat deze ideeën standhouden, in tijden waarin de moleculaire genetica en archeogenetica aantonen dat dergelijke simplificaties sociale constructen zijn. Genetische afstammingspopulaties bestaan zeer zeker, maar het reduceren van zo veel genetische diversiteit tot drie tot zeven 'oerrassen' doet groot onrecht aan de hedendaagse bevindingen. Morfologische verschillen tussen subpopulaties bestaan en kunnen inderdaad worden geduid als een adaptatie ten gevolge van omgevingsdruk. Op basis van de huidige cognitieve neurowetenschappen weten we dat deze morfologische verschillen niets zeggen over het aantal complexe verbindingen tussen hersencellen. Daarom is het fout de link tussen raciale groepen en intelligentie af te lijden uit deze morfologische verschillen. Bovendien zijn de verschillen binnen elke groep steeds veel groter dan de verschillen tussen groepen, hoe je ze ook classificeert. De artikelen van Rushton werden intussen teruggetrokken[3]. Er is meer dan één reden waarom de American Anthropological Association (AAA) ras als sociale constructie bestempeld en het is zeker niet politieke correctheid, anders zou het moderne archeogenetisch onderzoek naar genetische afstammingspopulaties de wetenschappelijke toets niet doorstaan. De fouten stapelen zich, als mutaties, op: de problematische operationalisering van 'ras', het gebruik maken van kleine en niet-noodzakelijk representatieve steekproeven om het IQ van een land of groep te bepalen, het linken van los van elkaar verzamelde gegevens (niet gelinkte gegevens op landenniveau, zoals het percentage dat behoort tot een sociale klasse, het gemiddelde IQ, de fertiliteitsgraad … ) als basis voor statistisch onderzoek.
_Woodley, dysgenetica en de 'denktank' Ulster Institute
Woodley is, net als Lynn, geïnteresseerd in de dysgenetische theorie. De Britse arts Saleeby was in 1909 de geestelijke vader van het begrip dysgenetisch (het tegendeel van eugenetisch), waarmee hij vooral doelde op de hogere voortplantingssnelheid van 'sociaal ongewenste', 'minder geschikte' personen, zeg maar de lagere sociale klassen. Het onderzoek van Lynn (en ook Woodley)  gaat over de statistische relaties tussen de dalende fertiliteitsgraad (aantal kinderen gerelateerd aan het aantal vrouwen op reproduceerbare leeftijd) onder de klassen met het hoogste IQ. Dysgenetica roept dezelfde doembeelden op als de eugenetica uit het begin van de 20ste eeuw. Woodley onderzoekt dit fenomeen op basis van gegroepeerde statistische gegevens en 'vindt' een dergelijk verband. Hij verklaart deze samenhang op basis van zijn 'smart fraction theory'. Door het verhogen van het aantal slimme mensen, kan dit proces volgens hem een halt worden toegeroepen. Dit is koren op de molen van de theorie van Lynn, wiens manifest over dysgenetica door het Ulster Instituut uitgegeven werd. Wie twijfelt aan de kwaliteit en inhoud van de publicaties van het Ulster Institute neemt best een kijkje op: https://www.ulsterinstitute.org/publications.html. Sommige publicaties gaan openlijk over de biologische inferioriteit van de Roma en vooral over dysgenetica, ras en IQ … .
Woodley publiceert opvallend vaak in Mankind Quarterly, het tijdschrift waarvan precies zijn grote intellectuele voorbeeld Richard Lynn de huidige editor blijkt te zijn. Dit is althans op hun website te lezen.[4] Dit tijdschrift heeft nauwe banden met het nog meer obscure tijdschrift Open Differential Psychology, met als editor de notoire white supremacist Emil W. Kirkegaard[5], een pleitbezorger van 'biodiversiteit' in psychologisch onderzoek. Voor de goede gang van zaken wil ik terloops opmerken dat de man niet eens over een diploma psychologie beschikt.
Toch moet gezegd dat Woodley ook in andere wetenschappelijke vaktijdschriften publiceerde, en ook met individuen die men (althans allerminst niet op basis van hun afzonderlijke geschriften) zou verdenken van extremistisch gedachtengoed. Echter, hij publiceert in hoofdzaak met auteurs van een bedenkelijk allooi, het beste voorbeeld is een tribuut aan Philippe Rushton uit 2015.
Samengevat, Woodley mag zichzelf dan, net als Lynn, Rushton en consoorten, omschrijven als absoluut niet racistisch (sic). Het blijft moeilijk om dergelijke statements te geloven op basis van de wetenschappelijke studies rond dysgenetica en de interpretaties van hun resultaten en politieke aanbevelingen.
_Slotreflectie
Een vraag die we ons opnieuw moeten stellen, is hoe om te gaan met dit soort van onderzoekers en dit soort van onderzoek? Rigoureus toetsen en aan de kaak stellen is volgens mij de beste manier, hoewel het geen remedie is tegen racistisch beleid en racistische auteurs. Die zien immers toch enkel politieke correctheid in het bannen van hun publicaties en ze blijven publiceren in zelfbeheerde marginale pseudowetenschappelijke tijdschriften. Ik kan me voorstellen dat sommige aanhangers van de dysgeneticahypothese niets liever zouden willen dan aandacht te krijgen op wetenschappelijke fora die ze al jaren nastreven.[6] Ik kan me ook voorstellen dat daar hevige tegenreacties op komen en dat sommigen alle onderzoek naar 'gevoelige topics' willen verbannen. Het geval 'Woodley' doet in elk geval nadenken over het gevoelige evenwicht tussen academische vrijheid en andere politiek geladen kwesties. Controversiële onderwerpen bestuderen is één zaak, pseudowetenschap is een andere. Het blijft belangrijk om met kritische blik pseudowetenschappelijke nonsens te screenen om te weten van welke soort desinformatie extremistische bewegingen gebruikmaken en om de bevolking te informeren over het wetenschappelijk informatiegehalte van hun uitspraken.
_Noten
[1] Eugenetica is een begrip met diverse ladingen, maar wegens de gebrekkige kennis over de mechanismen van overerving dacht men dat de eugenetica tot soortveredeling kon leiden door het kruisen van eigenschappen die als wenselijk werden gezien, maar ook door het elimineren van ongunstige kenmerken. In die tijd was het de sociaal zwakkere, de zwakzinnige, de 'geboren' crimineel die voorouderlijke kenmerken zou vertonen die het voorwerp uitmaakte van een reeks van maatregelen, de ene al minder humaan dan de andere, om de samenleving te verbeteren.
[2] Die heksenjacht viel ook de Nederlandse criminoloog Wouter Buikhuisen te beurt, die in 2009 in eer werd hersteld. Buikhuisen stelde bij zijn oratie te Leiden voor om het onderzoeksprogramma van de psycholoog Sarnoff Mednick ook in Leiden uit te voeren. Mednick onderzocht onder meer verbanden tussen angstgevoeligheid en sensatiezucht en betrokkenheid bij risicovol gedrag en delictgedrag.
[3] https://retractionwatch.com/2021/08/25/journal-retracts-more-articles-for-being-unethical-scientifically-flawed-and-based-on-racist-ideas-and-agenda/
[4] Mankind Quarterly heeft al lang geen frisse reputatie meer. Zie: https://rationalwiki.org/wiki/Mankind_Quarterly Dit tijdschrift schuwt duidelijk de controverse niet en nodigt ook expliciet uit tot het schrijven van controversiële (empirische) artikelen. De vraag is waarom sommige wetenschappers hierin willen publiceren, wetende dat er een negatieve connotatie aan hangt.
[5] https://front.emilkirkegaard.dk/ maar zie ook: https://rationalwiki.org/wiki/Emil_O._W._Kirkegaard
[6] Mogelijk wordt de interesse voor dysgenetische theorieën gevoed door de empirische vaststelling dat de menselijke herseninhoud lichtjes zou zijn gedaald sinds het Pleistoceen. Een brein gebruikt disproportioneel veel energie. Veel plausibeler is dat ons sociale brein ervoor zorgde dat een kleine daling voordelig werd en geen impact had op menselijke intelligentie. Deze veronderstelling maken sommige wetenschappers (zoals Jeremy DeSilva) op basis van studies over breinaanpassingen bij mierenpopulaties.
_Aanbevolen literatuur
  • DeSilva, J. M., Traniello, J. F., Claxton, A. G., & Fannin, L. D. (2021). When and why did human brains decrease in size? A new change-point analysis and insights from brain evolution in ants. Frontiers in Ecology and Evolution, 712.
  • Geraerts, J., Van Everdingen, J. (red.) (2017). Het misbruik van de wetenschap in racisme. Rassenwaan. Cahier Biowetenschappen en Maatschappij Kwartaal 1.
  • Krause, J., Trappe, T. (2020). De reis van onze genen. Onze geschiedenis en die van onze voorouders. Nieuw Amsterdam.
  • Mitchell, K. J. (2020). Innate: How the wiring of our brains shapes who we are. Princeton University Press.
  • Rutherford, M. (2018). Het boek over de mensheid. Een geschiedenis van onze cultuur, seks, oorlog en onze evolutie. Amsterdam: Luitingh-Sijthoff.
  • Rutherford, M. (2018). Een kleine geschiedenis van iedereen die ooit heeft geleefd. Amsterdam: Luitingh-Sijthoff.
  • Rutherford, A. (2020). How to argue with a racist: History, science, race and reality. Hachette UK.
  • Sussman, R. W. (2014). The myth of race: The troubling persistence of an unscientific idea. Harvard University Press.
Kwintessens
Lieven Pauwels (UGent- Vakgroep Criminologie, Strafrecht en Sociaal Recht) doceert onder meer biologische antropologie, criminaliteitspreventie en is geïnteresseerd in de evolutie van (anti)sociaal gedrag en morele emoties. (Foto © James Arthur)
_Lieven Pauwels -
Meer van Lieven Pauwels

_Recent nieuws

Bekijk alle nieuwe berichten

_Populair nieuws

Bekijk meer populair nieuws