Het Vrije Woord
Geschreven door Joseph M. Asselbergh
  • 602 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

31 mei 2022 Niet mee blaffen, praten
Het gebeurt meer dat met de intentie een stelling kracht bij te zetten het stapelen van uitspraken eerder leidt tot verwarring en tegenspraak. Zo neem ik aan dat Jurgen Slembrouck het meent als hij de verdedigers van de holebirechten aanzet tot bedachtzaamheid in hun pogingen het draagvlak voor deze rechten te versterken. Dat wil ik, en ik meen het overgrote deel van de vrijzinnig-humanistische gemeenschap, ook. Maar die ene zin krijg je niet in de krant of op een webstek en dan werkt de auteur aan een uitgebreide argumentatie met bij voorkeur nog enkele getuigen die zijn stelling bevestigen door woord, gedrag of beide. Maar als lezer verwacht je je ook aan een bedachtzame bijdrage.
Is er dan iets aan de hand met die aanvaarding van holebi's, transgenders etc.? Dat zal wel en ik maak graag een vergelijking met de gelijkberechtiging van vrouwen. De laatste wettelijke regeling die voorzag dat vrouwen de toelating van de man nodig hadden is bijna vijftig jaar geleden afgeschaft. Vijftig jaar is lang en toch is het met de gelijkheid tussen mannen en vrouwen nog niet helemaal in orde. De wettelijke regelingen met betrekking tot ons onderwerp zijn veel recenter en hebben te maken met seksualiteit, een onderdeel van onze cultuur waarin schaamte een stoorzender is in een redelijk gesprek. Aanvaarding, laat staan normalisering, van alles wat holebi's en transgenders aangaat, zal daarom nog veel langer duren dan de gelijke behandeling van de vrouw. Bewust of onbewust geven de Bijbelse uitspraken uit het scheppingsverhaal 'man en vrouw schiep Hij ze' en 'de man zal over u heerschappij hebben' voor de meeste mensen nog steeds de richting aan van hun morele kompas. Ook bij hen die niet eens weten wat de Bijbel is of wat er zoal in geschreven staat.
Dan wordt het me vreemd voor de ogen als ik lees dat een vrijzinnig humanist in een bijdrage waarin hij gewetensvrijheid als een goed ziet, steun meent te vinden in de weerzin die de voorstanders van gewetensdwang vertonen. Het wordt erger als hij wel de manier waarop die weerzin geuit wordt, zoals het verscheuren of in brand steken van een vlag, veroordeelt maar niet de motivatie tot dat protest. Een vrijzinnig humanist, verdediger van de gewetensvrijheid, die begrip toont voor een uiting van gewetensdwang … en daarbovenop nog eens bereid is tot blaming the victim: eigen schuld, men moet maar minder de vlag uithangen, een toontje lager zingen op de pride.
Waar hebben we dat of iets gelijkaardigs nog gezien? Herinner u de Mohammedcartoons, Charlie Hebdo … Ook toen werd twijfel gezaaid over de goede smaak en werd tot voorzichtigheid aangespoord. Wat minder spot en dan zou het allemaal wel goed komen. Toch is er een verschil: de cartoons gingen over de ander, nu wordt een idee 'van ons' aangevallen. Wie op de barricaden staat, is soms meer verrast door wie aan zijn kant staat dan door de tegenstander. In dit geval had de auteur beter eens rondgekeken.
Of hoe de formulering van een terechte bezorgdheid, 'blijkbaar is de juridische erkenning voor sommigen nog onvoldoende' al aangeeft dat er iets aan de hand is, want het moet zijn, net als met de gelijke rechten van de vrouw: 'blijkbaar is de juridische erkenning nog onvoldoende'. En dan mag ik, mag iedereen, vinden dat vlaggen en stoeten niet geschikt zijn, maar we zoeken beter niet de barricade en wel de dialoog op. Met de betrokkenen, ver weg van de profeten en hun soldaten.
 
(Deze bijdrage is een reactie op het opiniestuk van Jurgen Slembrouck.)
Het Vrije Woord
Joseph M. Asselbergh is secretaris van deMens.nu.
_Joseph M. Asselbergh -
Meer van Joseph M. Asselbergh

_Recent nieuws

Bekijk alle nieuwe berichten

_Populair nieuws

Bekijk meer populair nieuws