Kwintessens
Geschreven door Max Schneider
  • 1087 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

26 april 2021 Links en rechts
Ongeveer dertig jaar horen we nu al dat de woorden links en rechts niet meer bruikbaar zijn als politieke categorieën. Ze laten zich nochtans niet uit het debat schrappen en we blijven ze gebruiken. Dat lijkt aan te geven dat ze toch vrij goed de diepe splitsing in beleidsvoorkeuren markeren.
Wat niet betekent dat de invulling van die begrippen dezelfde bleef, tot ongenoegen van de politieke partijen. Er zijn intussen zoveel soorten links en rechts dat de partijen er niet meer in slagen met één verhaal iedereen bij de les te houden. Zo hoor je regelmatig extreemrechts gefrustreerd reageren dat ze helemaal niet meer staan voor wat daar standaard mee bedoeld wordt. Links vindt zichzelf dan weer nog altijd progressief, wat hier en daar een meewarige grimlach teweegbrengt.
Het is blijkbaar een breed verschijnsel want, los van linkse of rechtse politiek, bestaat dé vrijzinnig humanist ook al niet meer. Je hebt er die nog volop voor de godsdienstkritiek gaan en van tijd tot tijd een pastoor als broodbeleg nuttigen. Maar er zijn er ook die de al dan niet vermeend gediscrimineerde 'persoon van kleur' zodanig in bescherming nemen dat ze de euh … merkwaardigheden van diens godsgeloof liefdevol wegbegrijpen.
Die idiosyncratische invullingen zaten er al van in het begin in. Ten tijde van de Franse revolutie, toen de woorden voor het eerst hun politieke betekenis kregen, had men het over de voorstanders van de koning die, in de Assemblé, rechts van de voorzitter zaten en de tegenstanders die links zaten, alsof er maar twee strekkingen waren. Terwijl het om een krabbenmand ging met een onoverzichtelijk aantal facties die mekaar zonder veel 'complimenten' een kopje kleiner maakten. Toen was dat niet bij wijze van spreken; andere koek dan die mietjes van tegenwoordig. Vrijwel onmiddellijk nadien werd het een komen en gaan van invullingen waarbij 'liberaal' regelmatig stond voor ofwel eerder links en daarna voor weer eerder rechts.
Een betekenisinvulling die nochtans lang – tot voor enkele jaren – standhield, is de indeling in conservatief voor rechts en progressief voor links.
Dat moet misschien herijkt worden. Conservatief betekent immers niet langer alleen maar stoffig-vroeger-was-het-beter tot reactionair, maar er bestaat ook een intelligent conservatisme dat zich niet schaamt voor dat etiket en zelfs fier is op zijn filosofische onderbouw met onder andere de filosofen Burke, Huizinga, Kinneging en Scruton.
Links claimt dan weer het alleenrecht op het progressieve label, maar daar hebben steeds meer mensen – en niet alleen opponenten – bedenkingen bij. Ook die familie heeft intussen aangetrouwde takken waarmee de meningen al eens botsen, als ze al niet diametraal tegenover mekaar staan. Dan wordt er, merkwaardig genoeg door eigen groepsleden, gesproken over archaïsch of regressief links. Niet echt vriendelijk bedoeld, mogen we aannemen. Dan hebben ze het vooral over in de partij- en vakbondsstructuren vastgegroeide koppigheid die maar moeizaam aanvaardt dat de wereld veranderd is.
De versplintering in – onder andere, want de lijst groeit voor de inkt droog is – klassiek- extreem- archaïsch- progressief- naïef- groen- regressief- woke- islamitisch- socio-economisch- of liberaal links aan de ene kant en gematigd- extreem- centrum- nationalistisch- ethisch- reactionair- christelijk- filosofisch- Vlaamsgezind- racistisch- intelligent- of mild rechts aan de andere kant valt voor de politieke partijen niet meer in één wervend verhaal te vatten. Over de politiek kun je stilaan ook een boek schrijven dat niet over '50 tinten grijs' gaat, maar over zoveel tinten rood, blauw of bruin. Of het even vlot zal verkopen, verwacht ik niet.
Frustrerend moet dat zijn, want je zult maar een perstekst verzinnen waarin je al die conflicterende voorkeuren voldoende common ground aanbiedt. Het feit dat de achterban, qua standpunten, zo'n divers zooitje is, verklaart het soort meanderend en vermijdend politiek spreken dat we zowel bij links als rechts horen. Bij al die pogingen om de kool en de geit te sparen, schieten zowel links als rechts zich vaak in eigen voet. Bij rechts worden een aantal zinvolle kritische opmerkingen besmet door de lippendienst die ze moeten bewijzen aan het deel van de achterban dat niet altijd het verschil weet te vatten tussen godsdienstkritiek en dom racisme. Bij links volhardt men hardnekkig in de blindheid voor de bekommernissen van de 'witte' achterblijvers in de verkleurde wijken. De eerste grote leegloop die dat veroorzaakte, is blijkbaar niet voldoende geweest, want woke-links gaat nu, met betutteling, bevoogding en eisen over genderneutrale toiletten, ook wat er nog rest aan achterban, het rode nest uitjagen. Ter illustratie, de toch wel heel linkse eisen van de Gilets Jaunes vertalen zich absoluut niet allemaal in linkse stemmen. De toch wel heel economische bekommernissen van werkloze Amerikaanse staalarbeiders vertalen zich in een stem voor een miljardair.
De belangrijkste oorzaak van die complexiteit is de multidimensionaliteit van de maatschappelijke problemen die zorgt voor verschillende breuklijnen. De klassieke en hoofd-dimensie is de economische links-rechts-as. Die kennen we al lang en die is duidelijk. Ofwel steun je de economisch zwakkere, ofwel zet je sterk in op de meritocratie. Er is daarnaast ook een culturele dimensie (criminaliteit, milieu, minderheden, identiteit, seksuele voorkeur, migratie, gender enz.) Je omarmt de multiculturaliteit als een verrijking, of je zet daar juist heel grote vraagtekens bij.
Alsof het niet ingewikkeld genoeg was, lijkt er, sinds enkele jaren, een breuklijn bij te komen die men meestal definieert als de breuk tussen de verliezers en de winnaars van de globalisering. Dat is een mix van alle andere breuklijnen die ons onder andere fenomenen als Trump, Gilets Jaunes en Brexit opleverde, terwijl die toch maar heel gedeeltelijk en atypisch overlappen. Het is behoorlijk complex, maar zoek het ook in de hoek van de tegenstelling tussen de minderhoogopgeleiden en de loftsocialisten. Die tweeverdieners brengen de kids met de bakfiets naar de Steinerschool en gaan dan de verworpenen der aarde in verdediging nemen, zonder heel goed te begrijpen waarom die morrend weglopen om, godbetert, bij extreemrechts te gaan uithuilen. Die, op hun beurt, raken dan weer moeilijk verlost van een infaam bruin aura uit het verleden. Misschien omdat ze proberen een vocaal deel van de oude achterban ook te vriend te houden, terwijl die hun denken nogal eens door een onfris buikgevoel laten beïnvloeden.
Toegegeven, ik schilder de situatie hier enigszins met grove borstelstreken, maar je hoort en leest zowel rechts als links uitspraken die echt wel in de opdeling passen. Wat je er ook van zegt, het verschil valt nooit in een één op één verhouding te vatten; je kent altijd iemand die niet in het plaatje past. Uiteraard bestaan er ook nog altijd echt reactionaire conservatieven en echt progressieve linkse mensen. Er loopt vast ergens een socioloog rond die dat meticuleus nageteld heeft.
Dat zorgt allemaal voor een mismatch tussen de vraag van de burger en het aanbod van de politieke partijen; zij lijken een blinde vlek te hebben voor specifieke, atypische, moeilijk te mengen beleidsvoorkeuren van een deel van hun kiezers. En al helemaal voor de verwachtingen van de 'onbediende' kiezer, terwijl die nochtans heel bepalend kan zijn bij gelijk opgaande stemmenaantallen. Volgens verschillende studies voelt een op vier kiezers zich 'onbediend'.
Als je die voorkeuren uitzet op een assenkruis van cultureel links/rechts en economisch links/rechts dan krijg je een wolk van corresponderende beleidsvoorkeuren op de as tussen extreemlinkse en extreemrechtse partijen, maar ook twee kwadranten met overtuigingen, maar waar geen enkele van de traditionele partijen iets in de aanbieding heeft. Iemand met een sterke Vlaams-nationalistische zienswijze die economisch heel links denkt, kan dan nergens terecht. Ook iemand met sterke groenlinkse milieuwensen heeft een probleem in het stemhokje als hij ook het succes van de multiculturaliteit betwijfelt of geen liefhebber is van nog meer god in de publieke ruimte.
Even in eigen hoofd kijken? Hebt u met uw vrijzinnig-humanistische standpunten in verband met pakweg: ethische wetten, milieu, migratie, identiteit, armoedebestrijding en godsdienstkritiek al een partij gevonden die voluit voor ál uw waarden zal gaan? Neen? Misschien is het een geruststelling dat u niet alleen bent.
Kwintessens
Lid van de humanistische denktank Kwintessens
_Max Schneider -
Meer van Max Schneider

_Recent nieuws

Bekijk alle nieuwe berichten

_Populair nieuws

Bekijk meer populair nieuws