Kwintessens
Geschreven door Johan Braeckman
  • 1928 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

15 juni 2020 Over denkfouten en racisme
Ik ben er de voorbije maanden eindelijk in geslaagd om me doorheen enkele stapels ongelezen tijdschriften te worstelen, met dank aan de lockdown. Het was niks te vroeg. Er zaten zelfs exemplaren tussen van 'The New York Review of Books' uit 2015 en 2016. Mijn oog viel op een artikel van Michael Tomasky, uit de periode dat Donald Trump in de running was als presidentskandidaat van de republikeinen. Interessante lectuur. Tomasky heeft het over het geweld dat her en der uitbrak tussen voor- en tegenstanders van Trump. Hij wijst erop dat Trumps opruiende taal de overgang normaliseerde van schelden en beledigen naar fysiek geweld, door zijn supporters. Bovendien vergrootten de vechtpartijen Trumps populariteit in de polls. Tijdens een persconferentie in die periode verwees iemand naar een incident waarbij een blanke Trump-fan een zwarte protesteerder een vuistslag gaf. Trumps reactie: 'Ik denk dat wat hij deed zeer passend was. De protesteerder sloeg zelf mensen. En het publiek sloeg terug.' Trumps slotzin laat ik maar onvertaald: 'And that's what we need a little bit more of.'
Nog voor hij werd verkozen tot republikeinse presidentskandidaat, gaf Trump reeds aan racisme en geweld tegen zwarten goed te keuren. Niet enkel dat, hij moedigde het zelfs aan. Het dieptepunt kwam er in augustus 2017. James Alex Fields, een jonge aanhanger van extreemrechts gedachtegoed, reed met zijn auto op een vreedzame groep mensen in. Ze betoogden tegen een optocht van neonazi's en andere voorstanders van blanke overheersing. Fields verwondde 28 mensen en maakte een dodelijk slachtoffer, de 32 jaar oude Heather Heyer. Er kon geen twijfel over bestaan dat Fields door haat gemotiveerd was. De ideologische gezindheid van de deelnemers aan de optocht was al even duidelijk, aangezien ze vlaggen met hakenkruisen en andere racistische symbolen droegen. Trump, ondertussen president, zei dat zich aan beide kanten zowel schuldigen als 'very fine people' bevonden.
Uiteraard is Trump niet verantwoordelijk voor het racisme in de Verenigde Staten. De stuitende discriminatie van zwarten op de arbeidsmarkt, in het onderwijs en de gezondheidszorg, is niet aan zijn persoon te wijten. Racisme kent een lange traditie in het land. De jaren van de slavernij, de openbare lynchpartijen en de segregatie zijn officieel voorbij, maar miljoenen zwarten leven nog steeds in hun donkere schaduw. Trump is niet de president van alle Amerikaanse burgers, maar vooral van het conservatieve, protestantse en blanke deel ervan. Zijn soms hallucinante uitspraken creëerden op korte tijd een sfeer van straffeloosheid voor racisme, seksisme en hardvochtigheid. Het is onmogelijk om objectief in te schatten of politieagent Derek Chauvin ook zonder Trumps retoriek zijn knie bijna negen minuten lang op de nek van George Floyd zou duwen. Maar het is al even lastig om het er helemaal los van te zien. Trump versterkt een problematiek die de Verenigde Staten reeds lang teistert: disproportioneel geweld van de politie tegenover zwarten. De directe aanleiding van de dood van Floyd, was een telefoontje van een winkelbediende naar de politie. Hij dacht dat Floyd betaalde voor een pakje sigaretten met een vals briefje van twintig dollar. Dat kan waar zijn, maar misschien ook niet. En als het briefje vals was, dan was Floyd daar wel of niet van op de hoogte. Jaren geleden werd Mark D. McCoy, een Amerikaanse professor archeologie, opgepakt. Men beschuldigde hem ervan een vals briefje van twintig dollar te hebben gebruikt. McCoy verbleef een nachtje in de cel. Enkele dagen na de dood van Floyd tweette McCoy een bericht dat ondertussen miljoenen keren is gedeeld: 'George Floyd en ik werden allebei gearresteerd op verdenking van het uitgeven van een vals biljet van twintig dollar. Voor George Floyd, een man van mijn leeftijd, met twee kinderen, was het een doodvonnis. Voor mij, een verhaal dat ik soms vertel op feestjes.' Ook zijn slotzin laat ik onvertaald: 'That, my friends, is White privilege.'
Er is een kans dat de dood van Floyd een omslag inzet in de Amerikaanse politiecultuur, die onmiskenbaar zwarten discrimineert. Maar zeker is dat niet. Zelfs Barack Obama slaagde er niet in om het tij te keren. De zwarte bevolking in de Verenigde Staten vertegenwoordigt slechts 12 procent van het totaal. Maar tussen 2015 en 2019 was ruim 26 procent van het aantal dodelijke slachtoffers van politiegeweld zwart. Het aantal ongewapende personen dat overlijdt door het ingrijpen van de politie is sedert 2015 gedaald, maar ook hier zijn zwarten verhoudingsgewijs nog altijd in de meerderheid. Volgens de laatste cijfers bevinden zich ongeveer 2,3 miljoen mensen in de gevangenis in de Verenigde Staten. Dat betekent ruim zevenhonderd per honderdduizend. Ter vergelijking: België heeft iets meer dan tienduizend gevangen, dat zijn er 95 per honderdduizend inwoners. Het aantal zwarte gevangenen in de Verenigde Staten daalt weliswaar sedert 2006, maar vertegenwoordigt nog altijd 33 procent van de gevangenispopulatie. In 2018 zaten er van elke honderdduizend zwarte Amerikaanse mannen 2272 in de gevangenis. Per honderdduizend Hispanics was dat 1018 en per honderdduizend blanken 392. Voor zwarten tussen de 35 en 39 jaar oud is het cijfer nog markanter: 5008 per honderdduizend in deze leeftijdscategorie.
Dit alles schreeuwt om een verklaring. Ligt het aan de zwarte bevolking zelf? Zijn ze genetisch geprogrammeerd tot criminaliteit? Zweren ze collectief bij een ideologie die hen aanzet tot asociaal en illegaal gedrag? Natuurlijk niet. Het is uiteraard lastig om het hele causale netwerk in kaart te brengen, maar een overweldigende hoeveelheid gegevens wijst op de lange geschiedenis van systematische achterstelling van zwarten, gekoppeld aan racisme en discriminatie door blanken, als voornaamste verklarende factoren voor de onthutsende criminologische data. Wie geen tijd of zin heeft om zich grondig in de kwestie te verdiepen, raad ik de documentaire I am not your negro (2016) aan. Ze is gebaseerd op een tekst van de zwarte schrijver James Baldwin en traceert de geschiedenis van het racisme in de Verenigde Staten. Ik mocht vorig jaar de documentaire op een aantal plaatsen in Vlaanderen inleiden en was zelf verrast door de onthutste reactie van meerdere toeschouwers. Men wist dat de Verenigde Staten geplaagd zijn door racisme, maar niet dat het zo erg was. De massale reacties op de dood van George Floyd zijn dan ook hoopgevend. Er lijkt een breekpunt te zijn bereikt. De discriminatie, het racisme, de vooroordelen, het geweld: het moet nu eindelijk maar eens gedaan zijn. Het zijn nog steeds dezelfde eisen van de burgerrechtenbeweging in de jaren vijftig en zestig, maar ze worden nu door veel meer mensen gedeeld, van alle kleuren en gezindheden, extreemrechts niet te na gesproken.
Dat betekent niet dat het vanzelf zal goed komen. Bijzonder leerzaam in dat verband zijn de tegenreacties. Zo circuleert op diverse sociale media een foto van George Floyd met de volgende (oorspronkelijk Engelstalige) tekst: 'De media en links maakten van George Floyd een martelaar. Maar wie was hij echt?' Daarop volgt een opsomming van de periodes dat Floyd zich in de gevangenis bevond. Een paar keer voor bezit van cocaïne, maar ook voor twee gewapende overvallen, waaronder die op een zwangere vrouw, in haar huis. Het bericht gaat verder: 'Toen hij gedood werd, was hij onder invloed van meth [de drug methamfetamine, vooral bekend als crystal meth, red.], klaar om in een auto te stappen en misschien je kind dood te rijden. Jammer genoeg had de zwangere vrouw geen geweer.'
Voor zover ik kon nagaan, kloppen de feiten in het bericht. George Floyd was blijkbaar geen lieverdje en uit de lijkschouwing bleek inderdaad het gebruik van methamfetamine. Maar de belangrijkste vraag hier is: Wat wil men met het bericht precies aantonen? Het antwoord ligt voor de hand: George Floyd is zelf schuldig aan zijn dood; hij heeft het zelf gezocht, hij verdiende het om te overlijden. Laat ons die opvatting, die blijkbaar wijdverspreid is, wat nader onderzoeken. Waar komt ze vandaan? Meerdere psychologische mechanismen spelen hier een rol. In de kern zit een vaak voorkomende, maar complexe denkfout: de 'just-world fallacy', de 'rechtvaardige wereld-misvatting'. Die moralistische fallacy of drogreden beweert dat mensen onvermijdelijk oogsten wat ze zaaien. Dat kan zowel ten goede als ten kwade zijn. Wie veel studeert, behaalt goede cijfers, en verdient die ook. Wie liever op café gaat, die zal falen, en ook dat is verdiend. What goes around, comes around. Eigen schuld, dikke bult. Vaak klopt de redenering. Wie hard studeert, heeft inderdaad meer kans op slagen. Wie zijn cursussen onaangeroerd laat, loopt meer risico op herexamens. Maar die logica is niet universeel geldig. De wereld is niet intrinsiek rechtvaardig. Het ongeluk treft vaak goede mensen, en sommige fuifnummers behalen een diploma met een minimum aan inspanning. Een onschuldig kind kan kanker krijgen, een gewetenloze schurk blijft gezond en wel tot op hoge leeftijd. De rechtvaardige wereld-denkfout biedt soms een houvast om onbevattelijke of choquerende gebeurtenissen te begrijpen. We verkiezen vaak een foute uitleg boven helemaal geen verklaring. In de context van de dood van George Floyd ligt de redenering voor de hand. Zijn strafblad spreekt voor zich. Hij verdiende het om gedood te worden. Die gedachtegang is hier fout, omdat men onmogelijk hard kan maken dat de vroegere inbreuken van Floyd zijn dood rechtvaardigen. Die waren niet van die aard dat de doodstraf, en dan nog zonder eerlijk proces, ertegen opweegt. Bovendien was hij veroordeeld voor zijn misdaden en had hij zijn straffen uitgezeten in de gevangenis. De inbreuk die de directe aanleiding van zijn dood was, houdt al helemaal geen vorm van rechtvaardigheid in. Misschien klopt het dat hij wou betalen met een vals briefje van twintig dollar, en wie weet was hij zich daarvan bewust. Maar is die misdaad ernstig genoeg om zijn dood te rechtvaardigen? Dat is vanzelfsprekend niet het geval. Zelfs het verwerpelijke bijbelse voorschrift 'oog om oog, tand voor tand' is veel eerlijker dan dat. De ongeldigheid van de redenering blijkt ook uit de absurditeit van haar gevolgen. Als Floyds dood terecht is, dan zou dat de moord op tien- tot honderdduizenden andere ex-gevangenen legitimeren. Dat gaat in tegen alle huidige rechtsregels en tegen de meest fundamentele ethische principes waarop een democratische samenleving steunt.
De vraag die we nu nog moeten behandelen, gaat over de diepere oorzaak van de denkfout. Waarom zou iemand de onhoudbare suggestie doen dat George Floyd zijn dood verdiende? Velen denken wellicht spontaan aan racisme. Alleen een racist kan zo'n bericht opstellen en verspreiden, toch? Niet noodzakelijk. Er zijn meerdere mogelijke verklaringen. Stel dat iemand een groot vertrouwen heeft in de politie, of misschien zelf politieagent is. Hoe staat zo iemand tegenover de dood van Floyd? Het hele gebeuren is gefilmd. Er is geen enkel zinnig excuus voor de manier waarop Derek Chauvin Floyd behandelde. Ook Chauvins collega's gaan niet vrijuit. Floyd was geboeid, hij lag op zijn buik op de grond. Er ging geen enkele dreiging van hem uit. Hij zei meerdere malen dat hij niet kon ademen. Omstaanders wezen de agenten er herhaaldelijk en uitdrukkelijk op dat het dreigde fout te lopen. De agenten negeerden dit alles, met de dood van Floyd als gevolg. Er zijn omstandigheden waarin politieagenten excessief geweld mogen of zelfs moeten gebruiken, maar dit was er in geen geval een voorbeeld van. Iemand die, geheel tegen de feiten in, niet kan of wil aanvaarden dat de politie hier dramatisch in de fout ging, ervaart in zo'n situatie ernstige cognitieve dissonantie. De oplossing daarvoor is de schuld verschuiven van de dader naar het slachtoffer: hij heeft het zelf gezocht. Het is een denkfout binnen de denkfout. Men beschuldigt het slachtoffer – 'blaming the victim' – om daaruit af te leiden dat het hele voorval een morele retributie is voor het kwaad van vroeger. De drogreden die de rol van slachtoffer en dader omkeert, duikt vaak op in een racistische context. Er zijn duidelijke overeenkomsten met andere vormen van discriminatie, zoals seksisme: de vrouw die werd aangerand lokte het zelf uit, en creëerde door haar gedrag de dader, die bijgevolg het eigenlijke, echte slachtoffer is. Maar er zijn ook andere mogelijke verklaringen. Over het feit dat velen de foto van George Floyd met de tekst over zijn crimineel verleden delen op sociale media, heb ik minder reserves. Daar is racisme ongetwijfeld de voornaamste drijfveer. Het ent zich naadloos op de lange geschiedenis van rassenhaat in de Verenigde Staten; het resoneert met het politiegeweld dat zich verhoudingsgewijs meer focust op zwarten dan op anderen en imiteert de stijl van meerdere tweets en uitspraken van Trump.
Tot slot. Klopt het dat men van George Floyd een martelaar maakt, zoals wordt beweerd? Neen. Floyd is niet gestorven omwille van zijn geloof of ideologische overtuiging. Hij was geen Martin Luther King, Malcolm X of Medgar Evers. Er is ook niemand die zoiets beweert. Zijn dood kent niettemin een enorme symbolische waarde. Een blanke agent die met zijn knie een zwarte, machteloze man letterlijk en figuurlijk onderdrukt tot hij overlijdt, sluit niet alleen aan bij beelden die teruggaan tot de slavernij, maar vat ook perfect samen waar de Black Lives Matter-beweging in essentie over gaat. Er is veel nodig om te vermijden dat wat zich op 25 mei in Minneapolis afspeelde, opnieuw gebeurt. Meerdere factoren spelen een rol. Zoals de professor archeologie al aangaf, zou George Floyd zonder zijn zwarte huidskleur wellicht nog in leven zijn. Maar hadden andere agenten de arrestatie uitgevoerd, dan was hij zeer waarschijnlijk evenmin gestorven. En misschien zou Derek Chauvin onder president Hillary Clinton minder agressief zijn opgetreden. Enzovoort. Al die factoren kunnen elkaar ook beïnvloeden en versterken. Racisme speelt een belangrijke, wellicht een centrale rol, net zoals grootschalige en fijnmazige machtsstructuren, economische ongelijkheid, discriminatie, hardnekkige vooroordelen en historisch verankerd wantrouwen tussen groepen met een verschillende identiteit. Meerdere denkfouten functioneren als verbindend patroon. Racisme op zich is een goed voorbeeld van een mentale misvatting. We kunnen er onze hoop op beterschap op baseren: ondanks de dood van George Floyd en zovele anderen, zien we steeds beter in dat het onzinnig is om te denken dat een groep mensen, toevallig verzameld rond een triviaal kenmerk zoals huidskleur, superieur is aan een andere verzameling mensen met een andere huidskleur. Denkfouten zijn niet onschuldig. Ze kunnen extreme en dramatische gevolgen hebben. Hun analyse en bespreking, reeds vroeg in het onderwijs, is dan ook essentieel. And that's what we need a little bit more of.
Een ingekorte versie van deze tekst verscheen eerder op vrt.be.
Kwintessens
Hoogleraar wijsbegeerte UGent en lid van de humanistische denktank Kwintessens
_Johan Braeckman -
Meer van Johan Braeckman

_Recent nieuws

Bekijk alle nieuwe berichten

_Populair nieuws

Bekijk meer populair nieuws