• |
Kwintessens
Geschreven door Marc Van Molle
  • 474 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

11 juni 2020 Waterschaarste: een ver-van-mijn-kot-show?
Op het moment van dit schrijven heeft het coronavirus de wereld in zijn greep. Tal van landen verkeren in een complete lockdown, een aantal zijn de maatregelen aan het afzwakken. Reizen is niet meer toegestaan of wordt beperkt. Publieke manifestaties zijn verboden. Elkaar begroeten doen we best vanop afstand. Men vreest voor een nieuwe wereldwijde financiële en economische crisis zoals in 2008 (of erger). In ons land zijn er momenteel meer dan 9600 doden door het virus. Wereldwijd zijn er meer dan 400 000 sterfgevallen als gevolg van coronabesmetting.
Om die cijfers in een perspectief te plaatsen: dagelijks overlijden 20 tot 30 000 mensen door een gebrek aan zuiver water; jaarlijks maar liefst 2 miljoen kinderen jonger dan 5 jaar! In de minst ontwikkelde landen wordt kindersterfte voor 30 tot 50% veroorzaakt door een gebrek aan zuiver water. Wereldwijd zijn 80% van alle ziektegevallen te wijten aan een gebrek aan zuiver water, goede sanitaire voorzieningen en hygiëne.
Vandaag leven 3,6 miljard mensen (nagenoeg de helft van de wereldbevolking) in een gebied dat onderhevig is aan waterschaarste tijdens ten minste 1 maand per jaar. Tegen 2050 kan dat oplopen tot 4,8 à 5,7 miljard mensen.
De toenemende vraag naar water zal zich hoofdzakelijk situeren in landen in ontwikkeling of met een expanderende economie. Landbouw blijft de grootste verbruiker van water, en ook de grootste verspiller en vervuiler. Maar het toenemend huishoudelijk verbruik, evenals de groeiende vraag in de industrie zullen eveneens de druk op het waterverbruik doen stijgen.
Daarbij merken we een toename van het aantal regio's die te kampen krijgen met meer uitgesproken droge periodes tijdens het jaar, terwijl de landen die vandaag reeds uitgesproken droogtes kennen in de toekomst alleen maar droger zullen worden.
Een verontrustende vaststelling als men weet dat vandaag reeds 1,8 miljard mensen leven in gebieden die getroffen worden door bodemdegradatie, desertificatie en droogte. Gemeten in termen van mortaliteit en socio-economische impact (per capita bruto nationaal product – bnp) vormen bodemdegradatie, desertificatie en droogte op de dag van vandaag de ernstigste 'natuurramp' ter wereld!
Volgens de OESO zal tegen 2050 niet minder dan 40% van de wereldbevolking leven in een omgeving met uitgesproken waterstress. Een VN-analyse van 2015 stelt dat een gemiddelde temperatuurstijging van 1,2 tot 1,9 °C volstaat om het aantal ondervoede mensen in westelijk Afrika te doen toenemen met 95% tegen 2050. Afrika in zijn geheel zal tegen 2050 slechts kunnen voorzien in 13% van zijn eigen voedselbehoefte. Voor elke graad die de aarde warmer wordt, ziet een bijkomende 7% van de wereldbevolking zijn hernieuwbare hoeveelheid zoet water verminderd met 20%.
Duizelingwekkende cijfers verwijzend naar een keiharde realiteit, die evenwel geen voetnootje waard is in onze media. De meeste landgenoten, de meeste Europeanen, de meeste mensen in de welvarende geïndustrialiseerde wereld maken zich nauwelijks zorgen over water. Ook al hebben we in ons landje de droogste lente sinds meer dan een eeuw achter de rug. Het is een 'ver-van-mijn-kot-show'. Het is niet besmettelijk. Het zal ons niet overkomen. Het is niet ons probleem.
Maar is dat ook zo? Elke Belg verbruikt meer dan tweemaal zoveel water dan de gemiddelde wereldburger. Zelf beschikken we over onvoldoende water om aan die consumptie te voldoen: twee derde van ons waterverbruik voeren we in. Die invoer komt voor bijna 40% uit landen die getroffen worden door een gemiddelde tot hoge waterschaarste. We voeren katoen in uit India en Bangladesh. In die landen zorgt de teelt van katoen in de industriële landbouw voor een extreem hoog waterverbruik. Nochtans heerst er reeds een ernstige waterschaarste. De eerste slachtoffers zijn de lokale landbouwers die onvoldoende water ter beschikking hebben voor zichzelf en voor de lokale voedselproductie. Door ons consumptiepatroon maken we de toestand in deze landen alleen maar erger.
Onze import komt uit landen met zowel fysische als economische waterschaarste. De fysische waterschaarste wordt veroorzaakt door klimatologische omstandigheden die zorgen voor geringe hoeveelheden neerslag gedurende grote delen van het jaar of zelfs het hele jaar door. Ook hier kunnen we moeilijk onze kop in het zand steken. De invloed van de geïndustrialiseerde landen op de klimaatsverandering is vele malen groter dan deze van de ontwikkelingslanden. Door minstens de klimaatdoelstellingen van Parijs te halen, zal de fysische waterschaarste minder snel toenemen. Daarnaast kunnen we ervoor zorgen dat de technologische ontwikkelingen van de geïndustrialiseerde landen ook daadwerkelijk beschikbaar worden in ontwikkelingslanden. Denken we op de eerste plaats aan technologieën op het vlak van ontzilting, zuivering van afvalwater, hergebruik van afvalwater en waterbesparende irrigatietechnieken.
Zelfs in landen waar er een overvloed aan water is (en waar dus geen fysische waterschaarste heerst) kan een groot deel van de bevolking geen toegang hebben tot water als gevolg van economische factoren (gebrek aan waterinfrastructuur, aan waterzuivering, aan drinkbaar water). Men spreekt dan van economische waterschaarste. Ook hier kunnen we ons 'druppeltje' bijdragen. De voornaamste oorzaak van economische waterschaarste is het gebrek aan investeringen in de watervoorziening door de overheid. Soms is dat te wijten aan de schaarse financiële middelen die de overheid ter beschikking heeft. Hier dient de internationale gemeenschap voldoende grote inspanningen te leveren om zowel de financiële als de technologische middelen te verzekeren om de watervoorziening in orde te krijgen.
Vaak speelt de corruptie van diezelfde overheid een belangrijke rol: zelfs in landen met een grote rijkdom aan economisch waardevolle grondstoffen die over de hele wereld geëxporteerd worden, zijn er onvoldoende middelen om de bevolking toegang te geven tot zuiver water. Ook hier kunnen internationale instanties voor ondersteuning zorgen op financieel en technologisch vlak. Maar dat zal niet helpen indien er geen drastische maatregelen genomen worden tegen de corruptie. Daarbij is het belangrijk om niet alleen te focussen op de gecorrumpeerden binnen de lokale overheden, maar ook actief op te treden tegen de corrumpeerder. Deze laatsten zijn dan op de eerste plaats te vinden in de grote multinationals die instaan voor het leegroven van de natuurlijke rijkdommen van deze landen. Het betreft dan zeker niet alleen goud, koper, kobalt … Ook water behoort tot deze natuurlijke hulpbronnen en wordt door de grote multinationale agro-industrie gebruikt voor de export van tal van gewassen waaronder katoen, soja, koffie enzovoort.
In ontwikkelingslanden is de watervoorziening meestal in handen van de privésector. Dit heeft alleen maar geleid tot een ondermaatse dienstverlening. De toegang tot veilig water is er beperkt tot diegenen die het kunnen betalen.
Water is een mensenrecht. Iederéén moet toegang hebben tot veilig water. Die toegang moet betaalbaar zijn voor iedereen. Het voorzien van de basisbehoefte aan water is een plicht voor de overheid. Wat verstaan we dan onder 'basisbehoefte'? Op de eerste plaats veilig drinkwater en daarnaast water voor de landbouw om te voorzien in de basisvoedselvoorziening van elkeen. De rol van de privésector in de watervoorziening dient beperkt te blijven tot het commercieel gebruik van water. Wanneer men winst maakt via het gebruik van water, moet een eerlijk deel van die winst naar de watervoorziening gaan. In deze kan de privésector, maar ook de overheid, participeren in de watervoorziening.
Heel af en toe kan water ook bij ons voor ongerustheid zorgen, zoals de afgelopen lente, toen de droogte zorgde voor restricties bij het besproeien van het gras in de tuin of het vullen van het zwembad. Op sommige plaatsen werden beperkingen opgelegd voor het bevloeien van akkers. Veel verder ging het niet. Het probleem blijft een 'ver-van-mijn-kot-show'!
Of misschien toch niet. In 2015 werd Europa geconfronteerd met een stroom van meer dan 1 miljoen migranten en vluchtelingen. De meeste vluchtelingen kwamen uit Syrië, Afghanistan en Irak. In mei 2017 waarschuwde de Duitse regering dat 6,6 miljoen migranten en vluchtelingen wachtten om vanuit Afrika en het Midden-Oosten Europa binnen te komen. We weten allemaal dat er diepgaande politieke gevolgen zijn in Europa.
Deze langdurige migratiecrisis, die zich vandaag herhaalt, wordt gedeeltelijk gedreven door waterschaarste. Aan de basis van de conflicten die zich afspelen in het Midden-Oosten en in Noord-Afrika ligt niet rechtstreeks een gebrek aan water. Het watertekort maakt de situatie evenwel erger en onleefbaarder. Studies van asielaanvragen voor 157 landen in de periode 2006–2015 tonen aan dat uitgesproken droogteperiodes de waarschijnlijkheid van gewapende conflicten hebben beïnvloed en een belangrijke rol speelden als verklarende factor voor het aantal asielzoekers in de periode 2011-2015. Het sterkste causale verband treedt op in de periode 2010-2012, toen de vluchtelingenstroom werd gedomineerd door asielzoekers afkomstig uit Syrië.
Waterschaarste genereert in de eerste plaats interne migratie, naar de dichtstbije waterbron. Klimaatverandering zal niet overal internationale vluchtelingenstromen veroorzaken. Meest waarschijnlijk zal dat gebeuren in een land dat een politieke transformatie ondergaat, waar conflicten een vorm van ontevredenheid van de bevolking zijn ten aanzien van een niet-efficiënte reactie van de regering op klimaateffecten.
Volgens het World Migration Report van 2018 zijn er nu 258 miljoen internationale vluchtelingen. Dit cijfer houdt geen rekening met de mensen die migreren binnen hun land. De meest recente schattingen suggereren dat er op dit ogenblik wereldwijd meer dan 760 miljoen binnenlandse migranten zijn.
De prognoses voor de toekomst variëren sterk: tussen 25 miljoen en 1 miljard klimaatmigranten tegen 2050, waarbij de meest genoemde prognoses tegen 2050 maar liefst 200 miljoen door klimaatverandering veroorzaakte migranten suggereren.
Migraties als gevolg van klimaatveranderingen kunnen niet worden aangepakt op het lokale niveau, binnen één land of binnen één regio. We kunnen de probleembehandeling niet overlaten aan lokale of nationale overheden. Internationale actie dringt zich op.
De maatregelen die genomen worden om de coronacrisis te counteren zijn drastisch, maar absoluut noodzakelijk voor de volksgezondheid en zeker niet buitenproportioneel. In de VS werd 2000 miljard dollar aan kredieten beschikbaar gesteld, de Europese Commissie maakt voorlopig een bedrag van 500 miljard euro vrij, Spanje voorziet een extra 60 miljard euro en Italië doet hetzelfde.
In 2015 werden door de Verenigde Naties de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen goedgekeurd. Een van deze doelen is tegen 2030 de hele wereldbevolking toegang verlenen tot drinkbaar water. Om die doelstelling te realiseren, is jaarlijks een bedrag van 25 miljard euro nodig. Vier jaar na de goedkeuring van de Ontwikkelingsdoelstellingen is nog steeds niet voldaan aan de basisfinanciering. Het is een 'ver-van-mijn-kot-show' …
De coronacrisis heeft ons doen realiseren dat de globalisering zoals we die nu kennen niet optimaal is voor de overgrote meerderheid van de mensheid. We leven in een geglobaliseerde wereld, die de facto gecontroleerd wordt door multinationale ondernemingen met winstmaximalisatie als hoogste (en dikwijls enige) doelstelling. Als we een doemscenario willen vermijden, dan kan niet langer de winst centraal staan, wel de mens!
Op elk van ons komt het dus aan.
Kwintessens
Marc Van Molle is em. prof. Fysische Geografie, Vrije Universiteit Brussel
_Marc Van Molle -
Meer van Marc Van Molle

_Recent nieuws

Bekijk alle nieuwe berichten

_Populair nieuws

Bekijk meer populair nieuws