• |
Kwintessens
Geschreven door Edgard Eeckman
  • 786 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

22 januari 2020 Informatie is geen product als een ander
Heel lang leek lucht onuitputtelijk. Tot vervuiling het tot een kostbaar goed maakte. Zo vergaat het ook vrijheid. Ze lijkt vandaag in onze contreien dermate evident, dat we er niet voor op de barricaden staan. Waarbij we vergeten dat generaties hard hebben moeten vechten om bijvoorbeeld zoveel vrijheid van meningsuiting te bemachtigen. En waardoor we ons haast niet kunnen voorstellen hoe het zou zijn als ze onder dwang beknot zou worden. Lucht en vrijheid lijken gratis en wat gratis is lijken we minder waardevol of belangrijk te vinden. Zo vergaat het vandaag ook informatie. Ooit was informatie exclusief toegankelijk voor een elite, ooit werd informatie enkel geduld als die de geldende machten en ideologieën niet in de weg stond. In ons deel van de wereld werd door denkers – met gevaar voor eigen leven – gestreden om kennis vrij beschikbaar te maken, of ze nu taboes doorbrak of niet. Vandaag wordt geklaagd over een informatietsunami. Informatie werd een commodity, een product als ieder ander. Maar is het dat?
Dat is de probleemstelling die Frank Van Vree, docent mediastudies en cultuurgeschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam en bijzonder hoogleraar persgeschiedenis aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, aanboort in een handig pocketboekje van 68 bladzijden De politiek van de openbaarheid: Journalistiek en Publieke Sfeer. Als communicatiewetenschapper vind ik het interessant, maar het is meer dan dat. Het beschrijft een diepe bezorgdheid die ik zelf als burger ook al had. Het werd door Historische Uitgeverij in Groningen al in 2000 uitgegeven en ik tikte het onlangs op de kop in een Dordrechtse boekhandel (ik kan geen ernstige boekhandel voorbijwandelen of ik moet erbinnen; alsof ik nog geen boeken genoeg heb). Verontrustend is dat zijn vaststellingen vandaag alleen nog maar duidelijker lijken te zijn geworden. De vraag rijst of de manier waarop vandaag met informatie wordt omgegaan, geen gevaar betekent voor onze West-Europese samenlevingen.
_De 'publieke sfeer': samen de legitieme basis leggen van de democratie en de staat
Laat ik toch even heel kort het concept 'informatie' definiëren zodat we het eens zijn waarover we het hebben. Informatie is voor Van Vree het eindproduct van journalistiek werk. Hij verwijst naar enkele films om dat te illustreren, zoals Citizen Kane van Orson Welles, The Front Page van Billy Wilder en All The President's Men van Alan J. Pakula. In die laatste gaat het om twee krantenjournalisten die boksen om informatie in de openbaarheid te kunnen brengen omdat ze vinden dat de samenleving recht heeft op de waarheid. Van Vree inspireert zich onder meer op Kant en vooral op Jürgen Habermas' ontwikkeling van het thema 'openbaarheid' voor zijn beschrijving van de rol die zowel de geschreven pers als de audiovisuele media idealiter kunnen spelen in de samenleving. In Habermas' 'publieke sfeer' komen burgers samen om in alle openheid te debatteren en zo de publieke opinie te vormen en daarmee de legitieme basis te leggen van de democratie en de staat. Habermas verwijst naar de tweede helft van de 18de eeuw en de rol die de dagbladen toen al gingen spelen: ze evolueerden, onder meer door de toevoeging van een redactie, van het verspreiden van eenvoudige nieuwsberichten naar dealers in publieke opinie (New German Critique, 1974). Habermas' idee contrasteert fel met samenlevingen waar de publieke opinie gelijkstaat aan de opinie van de machthebbers.
Deelnemen aan het debat veronderstelt, zo schrijft Habermas zelf, 'a reasoning public'. Debatteren met 'redelijke argumenten' vraagt om deelnemers met zekere intellectuele capaciteiten die in staat zijn om afstand van zichzelf te nemen om rationeel te reflecteren. Dat botst met de hedendaagse communicatieomgeving die zich van voorheen onderscheidt omdat ze net elke mening – dus niet noodzakelijk gekenmerkt door kennis van zaken of zelfreflectie – een luidspreker geeft om een mening te ventileren. Bij monde van politie-inspecteur Dirty Harry Callahan verwoordt Clint Eastwood het in de film The Dead Pool (1988) onwetenschappelijk maar treffend zo: 'Opinions are like assholes, everybody has one'. In die communicatieve omgeving is informatie een 'commodity' geworden – koopwaar – en Van Vree verwijst naar Jeremy Bentham volgens wie de publieke opinie 'een buffer vormt tegen slecht bestuur'. Voor Kant was 'openbaarheid' een 'onontbeerlijke voorwaarde voor een hogere morele waarde' en vrijheid van meningsuiting een 'voorwaarde voor de vrijheid van denken'. Habermas, die voortkwam uit de neomarxistische, maatschappijkritische 'Frankfurter Schule', stelde echter zelf vast dat de openbaarheid wordt gemanipuleerd en dat er sprake was van een overgang van actief deelnemen aan het publieke leven naar 'passieve consumptie'. Dat schreef hij al in 1962, lang voor het internet onze samenleving had ingepalmd. Ondertussen evolueerden de kranten van onafhankelijke waarheidszoekers eerst naar propagandistische spreekbuizen dienstig aan ideologieën om daarna te verworden tot de commerciële producten overwegend afhankelijk van advertentie-inkomsten van vandaag. Ze werden op hun beurt 'gecommodificeerd' in een samenleving die de 'publieke sfeer' en het politieke en culturele milieu heeft ingeruild voor een markt waar het publieke domein en de privésfeer tot één pot nat zijn verworden. In die omgeving wordt informatie 'ontdaan van zijn ernstige lading' ten voordele van wat 'infotainment' heet. Van Vree vraagt zich af 'hoe burgers op basis van dergelijke programma's en artikelen nog tot politieke beslissingen komen'.
_Manipulatie!
Daarmee zijn we aanbeland bij het punt dat ook mij persoonlijk zorgen baart. Enerzijds stellen we vast dat – bijvoorbeeld gerelateerd aan het behoud van ons klimaat – wereldwijd honderdduizenden mensen hun onzekerheid uitroepen en positieve actie van politici trachten af te dwingen. Ook worden pogingen gedaan om opnieuw onafhankelijke journalistiek te bedrijven. Anderzijds wordt rationele argumentatie in diezelfde belangrijke maatschappelijke discussie vaak overschreeuwd door persoonlijke, respectloze en onredelijke aanvallen en ongefundeerde mondigheid. Die staan mijlenver af van het rationele debat in de publieke sfeer dat Jürgen Habermas vooropstelde. De vaststelling dat ook sociale media steeds vaker als nieuwsbron worden gebruikt (Mediawijs.be) is daarbij bijvoorbeeld onrustwekkend. De steeds meer gepersonaliseerde informatie die er wordt 'gepusht', vormt een eenzijdige filterbubbel met tertiaire informatie die vooral het eigen standpunt bevestigt. Kritische zin riskeert dan los te komen van feitenkennis en de voedingsbodem wordt gelegd voor verregaande manipulatie (cfr. Cambridge Analytica & Facebook). De geschiedenis van de 21 en 20ste eeuw toont waartoe dat kan leiden.
Kwintessens
Studeerde communicatiewetenschappen aan de VUB en is doctor in de media- en communicatiestudies. Hij is communicatiemanager van het UZ Brussel, gastprofessor patient empowerment aan de Erasmushogeschool Brussel en als wetenschapper aangesloten bij VUB-onderzoeksgroep Cultuur, Emancipatie, Media en Samenleving, en voorzitter van de vzw Patient Empowerment. Meer info op www.edgardeeckman.be.
_Edgard Eeckman Lid van de humanistische denktank Kwintessens
Meer van Edgard Eeckman

_Recent nieuws

Bekijk alle nieuwe berichten

_Populair nieuws

Bekijk meer populair nieuws