• |
Kwintessens
Geschreven door Thomas Vervisch
  • 329 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

21 oktober 2019 Moet er nog ontwikkelingssamenwerking zijn?
Ontwikkelingssamenwerking zit in het slop, zoveel is duidelijk na het bekijken van de recentste Pano-reportage. De Belg geeft meer geld aan goede doelen, maar zo luidt het, die goede doelen liggen meer en meer dicht bij huis. De achterliggende reden is wantrouwen tegenover de klassieke ngo: hoeveel van mijn gulle gift gaat echt naar het zuiden, en eens mijn centen daar zijn aangekomen, helpen ze wel?
_Waar gaat mijn geld naartoe?
De vraag hoeveel van mijn centen naar het zuiden gaan, is gemakkelijk op te lossen. Het is namelijk bij wet vastgelegd, althans voor de centen die de erkende ngo's van ons als belastingbetaler krijgen. Het feit dat dit belastinggeld voor de meerderheid van ngo's het leeuwendeel van hun budget uitmaakt (tot 80%), maakt dat bekijken hoe dit geld wordt besteed een correct beeld geeft van hoe ngo's werken.
Wat zegt nu de wet? Welnu, het Koninklijk Besluit betreffende de niet-gouvernementele samenwerking van 11 september 2016 maakt een opsplitsing tussen operationele kosten en beheers- en structuurkosten. De operationele kosten zijn de kosten die gemaakt worden om de effectieve activiteiten op het terrein uit te voeren. De beheers- en structuurkosten zijn die kosten die je weliswaar nodig hebt om op het terrein te geraken, maar die maar onrechtstreeks bijdragen aan de realisatie van de doelstellingen (lees: personeelskosten, kantoorkosten, auditkosten enz.) De wet stelt dat die beheerskosten en de structuurkosten niet hoger mogen zijn dan respectievelijk 10% en 7%. Dus grofweg 8 van de 10 euro van ons belastinggeld wordt rechtstreeks geïnvesteerd in activiteiten in het zuiden. De overblijvende 2 euro zijn nodig om die 8 euro tot daar te krijgen.
Dit is meer dan redelijk, en je zou er zelfs voor kunnen pleiten dat er meer centen moeten blijven 'plakken'. Immers, Ik heb liever dat er 7 euro goed geïnvesteerd wordt omdat er 3 euro voorhanden is om in het juiste personeel en omkadering te voorzien. Dit is vandaag soms problematisch. Net omdat ngo's onder druk staan om tegenover de publieke opinie en de donoren aan te tonen dat er geen geld blijft 'plakken' in het noorden, verhoogt het risico dat grote budgetten worden omgezet door organisaties die de capaciteit niet hebben om dat op een correcte manier te doen. Aan ontwikkelingssamenwerking doen kost geld, je maakt nu eenmaal kosten om op een correcte manier fondsen om te zetten in activiteiten die ten goede komen van de doelgroep. Jammer genoeg bestaat in de publieke opinie nog altijd de idee dat dit allemaal op vrijwillige basis moet gebeuren.
_Helpt mijn geld wel?
Hoe gemakkelijk het was om de eerste vraag op te lossen, des te moeilijker het is om op de tweede vraag te antwoorden. Je voelt me al komen: het hangt er maar vanaf hoe je het bekijkt. Nemen we een van de voorbeelden uit de Pano reportage: 'Little Hearts', een weeshuis gerund door de Belg Tony Geeraerts. Geen mens die eraan twijfelt dat dit project impact heeft: je haalt kinderen van de straat, ze krijgen een dak boven hun hoofd, gezonde voeding, deftige scholing, sommigen schoppen het tot aan de universiteit. En misschien is het allerbelangrijkste nog niet eens zo zichtbaar: die kinderen krijgen door dit alles hun waardigheid als mens terug, ze doen ertoe. Maar als je even uitzoomt en doordenkt, wordt het al wat moeilijker. Tony zegt het zelf in de reportage: als hij morgen doodvalt, staan de kinderen terug op straat. Het is met andere woorden risicovol om het welzijn van deze kinderen in de handen te leggen van één weliswaar goedbedoelende Belg. Dus moet er een structuur worden opgezet om de inspanningen op lange termijn te blijven garanderen. U voelt mij komen: Tony zal die extra euro beheerskosten wel degelijk nodig hebben om zijn inspanningen te verduurzamen.
Maar laten we nog even verder uitzoomen en ons de vraag stellen of het opzetten van een weeshuis door een Belg in Cambodja wel de bedoeling moet zijn. We komen vanzelf bij een van de belangrijkste hete hangijzers in het ontwikkelingswerk: de substitutieproblematiek. De wezen van Tony zijn burgers van een bepaald land, en als burgers van dat land hebben ze bepaalde rechten, ze genieten een zekere bescherming, zouden aanspraak moeten maken op bepaalde voorzieningen. Ik hoor u zeggen: ja maar, Cambodja is een arm en corrupt land, daar kunnen we niet van uitgaan. Klopt misschien wel, maar dat neemt niet weg dat de zorg voor wezen in eerste instantie aan de Cambodjanen zelf toekomt: zij weten het best hoe het moet, niet wij. En hier krijgen we te maken met het nefaste effect van ontwikkelingssamenwerking: als onze externe hulp op grote schaal een lokale oplossing vervangt, dan neemt men de incentives weg van de lokale overheid en bevolking om zelf op een structurele manier het probleem van een oplossing te voorzien. De conclusie klinkt u misschien cynisch in de oren, maar ze is daarom niet minder waar: onze hulp op korte termijn blokkeert een structurele oplossing op lange termijn. Vergelijk het met een bedelaar in onze straten: een aalmoes kan misschien wel hulp bieden, maar we weten allemaal dat een echte oplossing niet zal komen van de toevallige passant met een groot hart. En ik beken: ook ik heb het moeilijk om niet te geven.
Maar laten we even een heel ander voorbeeld nemen. De nieuwe campagne van 11.11.11 steunt dit jaar allerhande changemakers in het zuiden. Dit klinkt nogal vaag: mensen die verandering willen ondersteunen. In realiteit ondersteunt 11.11.11 bijvoorbeeld mensenrechtenactivisten die met gevaar voor eigen leven en tegen beter weten in op straat komen voor transparante en eerlijke verkiezingen. Dit heeft op korte termijn geen enkele concrete impact. Dit haalt geen enkele arme uit de armoede. Integendeel, het risico dat die mensenrechtenactivist zelf in de gevangenis belandt, wordt er alleen maar groter op. Kunnen we dan besluiten dat 11.11.11 steunen niet effectief is? Op korte termijn misschien wel, maar als het op structurele oplossingen op lange termijn aankomt, misschien niet. Het zijn hoogstwaarschijnlijk de changemakers die 11.11.11 ondersteunt die er op lange termijn voor zullen zorgen dat het weeshuis van Tony overbodig wordt omdat de Cambodjaanse maatschappij en overheid zelf de touwtjes in handen nemen. Het hangt er dus maar van af hoe je dat bekijkt, die effectiviteit van de hulp.
_Is geld wel de oplossing?
Nog een stapje verder is de vraag stellen of het überhaupt wel gaat over geld. De slogan 'trade, not aid' dateert toch ook al van de jaren zestig: ontwikkelingssamenwerking draait niet om hulp, maar om eerlijke handelsrelaties en het recht trekken van andere machtsonevenwichten. Om bij het voorbeeld van Cambodja te blijven: om te voldoen aan onze consumptiedrang om steeds meer en goedkopere T-shirts en broeken te kopen bij H&M, Levi's, C&A en andere grote winkelketens, worden aan de andere kant van de oceaan lange dagen geklopt in onveilige en ongezonde arbeidsomstandigheden tegen een hongerloon. Nog een stapje verder: wat meewarig doen over de klimaatopwarming om zo onze op fossiele brandstoffen gebouwde economie en ons dagelijkse autoritje naar ons werk veilig te stellen, zorgt wel degelijk voor hogere temperaturen en minder voorspelbare neerslag aan de andere kant van de planeet – ook in Cambodja –, waardoor de landbouwproductie verkleint en het risico op honger verhoogt. In een geglobaliseerde wereld en economie heeft ons gedrag dus wel degelijk een impact aan de andere kant van de oceaan. Bijgevolg, vooraleer goed te doen en onze portemonnee boven te halen – en ons daarbij af te vragen welk goed doel dan wel het meest effectieve is – is het misschien veel belangrijker om te vermijden dat we slecht doen: door ons eigen gedrag aan te passen helpen we de ander ook vooruit, en dit zonder negatieve effecten.
Kwintessens
Thomas Vervisch is als assistent verbonden aan de vakgroep Wijsbegeerte en Moraalwetenschappen en als postdoctoraal onderzoeker aan de vakgroep Conflict en Ontwikkeling, beide aan de universiteit Gent. Hij is gespecialiseerd in de Belgische ontwikkelingssamenwerking in fragiele en post-conflict situaties, meer bepaald in Centraal-Afrika en de Sahel.
_Thomas Vervisch -
Meer van Thomas Vervisch

_Recent nieuws

Bekijk alle nieuwe berichten

_Populair nieuws

Bekijk meer populair nieuws