• |
Het Vrije Woord
Geschreven door Serge Coopman
  • 966 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

20 juni 2019 Een eerbetoon aan Wim Betz (1943-2019)
Op 8 juni 2019 overleed arts, hoogleraar en vermaard scepticus Willem (Wim) Betz (76). Wim Betz was huisarts en hoogleraar aan de Vrije Universiteit Brussel. Daar was hij tot 2007 diensthoofd van het Centrum voor huisartsenopleiding. In 2002 startte hij er met een cursus levensbeëindiging, om artsen voor te bereiden op de vragen van patiënten over euthanasie. Hij doceerde onder meer een cursus in de kritische studie van alternatieve geneeswijzen en in evidence-based medicine (EBM). Wim Betz was een toonaangevend scepticus die op basis van wetenschappelijk onderzoek de strijd aanging met alternatieve geneeswijzen. Wim Betz was stichtend lid, voorzitter en ondervoorzitter van SKEPP, de Studiekring voor Kritische Evaluatie van Pseudo-wetenschap en het Paranormale. Hieronder leest u een eerbetoon door zijn vriend en arts Serge Coopman.
Op 8 juni jl. overleed professor Wim Betz (76), voormalig diensthoofd huisartsgeneeskunde aan de Vrije Universiteit Brussel. Hij verwierf vooral bekendheid als fervent bestrijder van alternatieve geneeswijzen en als medeoprichter van SKEPP (Stichting voor de Kritische Evaluatie van Pseudowetenschap en het Paranormale). Achter de scherpe publieke figuur, die zelden een blad voor de mond nam, huisde echter een warm mens, die gedreven werd door humanistische inspiratie en die zijn energie en talent wilde aanwenden ten bate van de kwetsbaren in de samenleving.
Als jonge huisarts te Kalmthout in de jaren '70 van de vorige eeuw, bestudeerde Wim Betz modieuze 'alternatieve' behandelingen zoals homeopathie en neuraaltherapie. Hij paste die ook toe, waarbij hij tot de conclusie kwam dat deze methodes – in die tijd behoorlijk populair én lucratief – geen enkele intrinsieke werkzaamheid bezaten. Geconfronteerd met de wetenschappelijke feiten en gezegend met een onvervaard temperament, ontpopte Betz zich dan ook tot een fel criticus van deze geneeswijzen. In die zin kan hij beschouwd worden als een pionier van de evidence-based medicine (EBM) die nu algemeen wordt erkend als standaard van kwaliteitsvolle medische zorg.
Begin jaren '80 werd Betz docent huisartsgeneeskunde aan de Vrije Universiteit Brussel, en in die hoedanigheid kon hij zijn praktijkervaring en kritische instelling meedelen aan meerdere generaties studenten. Hij schrok er ook niet voor terug om het tijdens zijn colleges ook over levensbeschouwelijke thema's te hebben zoals abortus en euthanasie, lang nog vóór er een debat bestond rond het thema levensbeëindiging. In Betz' visie stond de keuzevrijheid van het individu centraal, en hij vond het de taak van de arts om de patiënt bij moeilijke keuzes goed te informeren en te omkaderen, met maximaal respect voor de autonomie van de menselijke persoon.
In 1990 richtte Betz, samen met o.a. moraalfilosoof Etienne Vermeersch en wetenschapsfilosoof Jean Paul Van Bendegem, de vzw SKEPP op, die allerlei pseudowetenschappelijke claims kritisch onderzocht, dubieuze 'genezers' op de korrel nam en het brede maatschappelijk debat absoluut niet schuwde.
Voor de intimi en vele vrienden van Wim Betz kwam dit engagement niet zomaar uit de lucht gevallen. Het had stevige filosofische fundamenten. Had niet Immanuel Kant ooit de Verlichting omschreven als 'de bevrijding van de mens uit de onmondigheid waaraan hij zelf schuld heeft'?
In die optiek is de kwakzalver of charlatan de geboren Anti-Kantiaan: hij die de mens kopje-onder duwt in zijn eigen drek, in een moeras van onmondigheid, om daar zélf beter van te worden. Dit herinnert ons aan het aforisme van Schopenhauer: religies (en pseudoreligies, die door hun blind geloof daarmee heel wat gelijkenissen vertonen) zijn als glimwormen: zij geven vooral licht in de duisternis. Meestal zijn zij dan ook niet te beducht om zelf een vleugje duisternis in stand te houden. Wim Betz wou in die duisternis een lichtdrager zijn, een Lucifer, en dat is hem dan ook met veel brio gelukt.
Hij legde hen graag met klinkende argumenten over de knie: de sjamaan, de homeopaat, de farizeeër, de zoetgevooisde dominee. De akela's met hun aura's en chakra's, de piskijkers en spekpaters, de pendelaars en de zwendelaars.
Wim was dus absoluut geen kille rationalist, zoals sommigen misschien ten onrechte menen, zijn engagement was diep geworteld in verontwaardiging. Het is precies deze verontwaardiging die de levensader is van het sociaal humanisme, de levensfilosofie die velen onder ons nauw aan het hart ligt.
Wim Betz was ook een moedig man. Hij had de moed van zijn overtuiging, inclusief de moed om die overtuiging bij te stellen als het vrij onderzoek daartoe noopte. Hij had de moed om te verzaken aan de meest lucratieve optie, wanneer deze niet de meest ethische en waarheidsgetrouwe oplossing bleek te zijn. Met zijn charisma had Kalmthout immers makkelijk kunnen uitgroeien tot het Lourdes van de Lage Landen. Dit soort moed kan men alleen maar toewensen aan al diegenen die niches van obscurantisme in stand houden, die de kwetsbaren en hopelozen een rad voor de ogen draaien en daar schaamteloos de vruchten van plukken.
En zo komen we, onvermijdelijk, terecht in hogere religieuze sferen: Wim Betz was een zalig man, maar beslist geen heilig man. In een canonieke carrière volgt de tweede stap doorgaans vrij snel op de eerste, maar daaraan heeft onze man wijselijk, en met volle overtuiging, verzaakt. Wim had, zoals de mooie Franse uitdrukking luidt: des forts appétits terrestres. Een stevige aardse appetijt. Hij had wel een Cartesiaanse geest, maar was tegelijk ook een beetje wild at heart. Dat maakte van hem een echte mensenmens, eerder dan een patroonheilige van de sceptische beweging. Bovendien was hij gezegend met een heel bijzonder gevoel voor humor.
Al namen met de jaren de fysieke ongemakken toe, en kreeg zijn doorgroefde karakterkop de allure van een verlaten steengroeve, toch huisde daarin nog een verbazend wakkere geest. In gedachten bleef hij dartel als een jong hert. De omgeving bekeek hij monkelend, met het relativeringsvermogen van een oud-strijder en af en toe de schater van een kwikzilveren sater.
De mensen die Wim goed hebben gekend hebben veel van hem opgestoken. Gewoon door de manier waarop hij in het leven stond, reikte hij inzichten aan over vriendschap en generositeit, over waardig ouder worden én waardig sterven. Zijn voorbeeld sprak mensen aan en nodigde uit het goede te doen, gewoon omwille van het goede zelf. Vrijzinnigheid was voor hem niet zozeer een kwestie van uitrukkende fanfares, maar eerder a natural state of mind. Die velen steun en inspiratie bood.
Voltaire omschreef ooit de vriendschap van een groot man als een geschenk van de goden. Voor wie de persoon Wim Betz heeft gekend was dit geschenk wel bijzonder tastbaar. Het maakte zelfs het bestaan van die goden volstrekt irrelevant.
Het Vrije Woord
-
_Serge Coopman -
Meer van Serge Coopman

_Recent nieuws

Bekijk alle nieuwe berichten

_Populair nieuws

Bekijk meer populair nieuws