Kwintessens
Geschreven door Rudy Van Giel
  • 572 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

18 oktober 2022 'Homo word je via je moeder' (deel 3)
In de vorige twee delen van dit essay bericht ik over de wetenschappelijke zoektocht naar biologische factoren die aan de basis van homoseksualiteit liggen.
_Subjectieve wetenschap
Levert het een voordeel op om te weten wat de eventuele oorsprong is van iemands geaardheid? Het feit dat men er niet voor kiest, maar dat het net als bijvoorbeeld linkshandigheid op een biologische aanleg berust, zet wind in de zeilen van de activisten, want ze kunnen zich erop beroepen dat hun aanleg niet 'tegennatuurlijk' is en het zet hun eisen kracht bij om dezelfde rechten toegekend te krijgen als ieder ander. Discriminatie zou in dat geval namelijk stoelen op een biologische factor en dus veroordeeld moeten worden als racisme. Tegelijk zou het ervoor zorgen dat ouders, de familie in het algemeen en de homo zelf de feiten gemakkelijker zullen aanvaarden. Al kent deze medaille uiteraard ook haar keerzijde. Eenmaal de oorzaak gekend is, zullen er testen ontwikkeld worden voor prenataal onderzoek, waarmee de weg naar abortus wagenwijd open staat. En reken maar dat men flink zal zoeken naar een therapie. Edoch … hoewel gays op het eerste gezicht geen bijdrage leveren tot de voortzetting van de diersoort Homo sapiens, is het toch opvallend te noemen in welke significante aantallen ze blijven voorkomen – uitsterven doen ze niet. In darwinistische betekenis kunnen ze dus geen zinloze uitvinding van de natuur zijn, want dan zouden ze al lang weggeselecteerd zijn.
Kennelijk is het moeilijk om objectief wetenschap te bedrijven. Een vorser is niet vrij van waardeoordelen en benadert het onderzoeksterrein vanuit zijn persoonlijk perspectief. Dit gebeurt niet enkel in de geneeskunde en de psychiatrie, maar net zo goed in de natuurwetenschappen. Petter Bøckman, zoöloog aan de universiteit van Oslo, is gerenommeerd voor zijn studie van homoseksualiteit bij dieren. Hij zegt dat het een doodnormale praxis is in de natuur en verwijst daarbij naar Joan Roughgardens Evolution's Rainbow uit 2004, een boek waarin deze Amerikaanse wetenschapper talrijke voorbeelden geeft van homoseksueel gedrag in het dierenrijk. Deze publicatie zette de sluizen open voor tal van andere observaties en opeens noteerde men zowat overal een dergelijke liederlijke omgang tussen levende wezens: koeien, koala's, apen, dolfijnen, leeuwen, olifanten, noem maar op … In 2017 trouwens organiseerde het Amsterdamse Artis in het kader van de Gay Pride speciale rondleidingen in de zoo rond dit thema.
De wetenschappers droegen als bij toverslag geen oogkleppen meer en beschreven bij zo'n vijftienhonderd verschillende soorten homoseksuele praktijken, niet enkel bij gewervelde species, maar ook bij insecten, wormen, octopussen, kreeftachtigen … In tegenstelling tot de gangbare mening bleken dieren hun vrijages niet uitsluitend op de voortplanting te richten, maar hadden ze ook seks met het oog op sociale cohesie of gewoon voor hun plezier, en dit onafhankelijk van het geslacht van hun partner. Een nieuwe kijk op het dierenrijk? Officieel dan toch, want in werkelijkheid waren deze bevindingen al honderden jaren bekend, maar durfde of wilde geen enkele researcher ze publiceren: ofwel rustte er een taboe op en beoordeelde men dit soort vaststellingen als niet bepaald bevorderlijk voor de carrière, ofwel plaatsten de weinige wetenschappers die het toch waagden erover te schrijven hun ontdekkingen in een compleet vertekende context zodat ze hun vondsten ver verwijderd konden houden van geslachtsverkeer sensu stricto. Anale penetratie bij giraffen bijvoorbeeld werd afgedaan als een vorm van ritueel vechten. Toch moeten we ons ervoor hoeden ook weer niet in de overdrijving te belanden: de bewering op tal van internetsites dat 94 procent van deze dieren gay zou zijn is fake news, want er valt geen enkele academische publicatie na te trekken die dit staaft. En dit geldt ook voor heel wat andere berichten op het world wide web, waarvan de bronnen niet traceerbaar blijken.
Vooral bij vogels blijkt homoseksualiteit vaak voor te komen. Zo stelde bioloog Lindsay Young vast dat een derde van de albatrossen die in Ka'ena op Hawaï leven lesbisch is en dat sommige paartjes al negentien jaar lang samen een gezinnetje vormen – ze hebben de mannetjes enkel nodig om bevrucht te worden, maar broeden hun eieren nadien met hun vaste vrouwtje uit. Bij pinguïns is de gay geaardheid al lang bekend, maar eerst onder de mat geveegd omdat de researchers gechoqueerd waren door wat ze zagen. In dierentuinen valt het cijfer van twintig procent. Het bekendste koppeltje is Silo en Roy uit de New Yorkse zoo (na te trekken op YouTube) waarover zowel een liedje is geschreven – Ils dansent van Les Funambules – als een kinderboekje, And Tango Makes Three, wat in Amerika nog altijd heel wat tegenwind moet trotseren. In vele staten is het tegenwoordig zelfs gebannen uit de bibliotheken.
Toen ik in de jaren zeventig deel uitmaakte van het panel dat voorlichtingsavonden ging geven bij verenigingen, kon je er donder op zeggen dat vanuit het publiek steevast de vraag zou rijzen of homoseksualiteit ook voorkwam in het dierenrijk. Daar diende ik destijds dus ontkennend op te antwoorden, al realiseerde ik me maar al te goed wat de onderliggende teneur was om hiernaar te informeren: is het wel natuurlijk? Ik pareerde de vraag met de opmerking of het echt zo'n goed idee was de natuur altijd te willen kopiëren en verwees daarbij naar de spin die na de copulatie haar partner met huid en haar opvreet. Maar vandaag de dag zou ik voorbeelden te over kunnen aanhalen hoezeer deze geaardheid verspreid is over de verschillende species, in die mate dat ik de zaak gewoon mag omkeren: mocht homoseksualiteit niet voorkomen bij de mens, dát zou pas zeer onnatuurlijk zijn! ...
Lees hier deel 1 en hier deel 2 van dit essay, en bekijk ook de volledige literatuurlijst onderaan deel 1.
Kwintessens
Geboren in Antwerpen, verkaste naar de Limburgse kompels, om ten slotte als huisarts te werken in een volkse en multiculturele wijk te Gent, waar 86 nationaliteiten bij hem stonden ingeschreven. Stof waarover hij zijn hele leven heeft geschreven. Hij publiceerde 'Kankeren. Een arts wordt patiënt' (Borgerhoff & Lamberigts), gevolgd door een tiental artikelen in diverse tijdschriften. (Foto © Johan Martens)
_Rudy Van Giel -
Meer van Rudy Van Giel

_Recent nieuws

Bekijk alle nieuwe berichten

_Populair nieuws

Bekijk meer populair nieuws